Hyperventilatie: geen oorzaak van paniekaanvallen
Open

Onderzoek
11-11-1993
Ph. Spinhoven, E.J. Onstein en P.J. Sterk

Doel.

Het belang van hyperventilatie in de pathogenese van paniekaanvallen onderzoeken.

Opzet.

Descriptief onderzoek.

Plaats.

Jelgersmapolikliniek te Oegstgeest en Academisch Ziekenhuis te Leiden.

Methode.

Bij 57 psychiatrische patiënten met een paniekstoornis en 96 somatische patiënten met onbegrepen lichamelijke klachten, mogelijk veroorzaakt door hyperventilatie, werd de hyperventilatie-provocatietest (HVPT) uitgevoerd. Van de 96 somatische patiënten hadden er 33 recentelijk een paniekaanval doorgemaakt. Verschillende fysiologische en symptoomcriteria voor het hyperventilatiesyndroom (HVS) werden bepaald. Bovendien werden uiteenlopende maten voor bijkomende psychopathologie afgenomen.

Resultaten.

Er werden geen statistisch significante verschillen gevonden voor de fysiologische criteria van het HVS tussen psychiatrische patiënten met een paniekstoornis (PS) en somatische patiënten met (PA ) of zonder een recente paniekaanval (PA-). Voor alle symptoomcriteria daarentegen behaalden PS- en PA-patiënten vergelijkbare scores en scoorden beide groepen significant hoger dan patiënten met PA-. Voor bijkomende psychopathologie scoorden PS-patiënten meestal significant hoger dan patiënten met PA, die weer significant hogere scores behaalden dan patiënten met PA-.

Conclusie.

Hyperventilatie is in de pathogenese van paniekaanvallen van ondergeschikt belang en het tijdig onderkennen van paniekaanvallen of een paniekstoornis bij patiënten met ‘hyperventilatie’-klachten kan een adequate behandeling bevorderen.