Woordkeuze
Open

07-02-2014
Joeri Tijdink

Mijn 27-jarige gespierde patiënt die ik behandel voor bigorexia nervosa zit angstig voor me. ‘Moet ik echt in groepstherapie, dokter?’ Bigorexia is een aandoening waarbij de patiënt de angst ervaart dat zijn lichaam te weinig spiermassa heeft. ‘Hoe kan zo’n groep mij nou beter maken?’ Mijn bigorect is bang dat de therapie helemaal geen zin heeft. Ik probeer hem gerust te stellen. ‘In de groep zitten meestal mannen met hetzelfde probleem. Zo’n 60% van de patiënten heeft na de therapie veel minder klachten. Ik weet zeker dat het je helpt.’ En ik gaf hem het roze informatiefoldertje over de behandeling.

Welke woorden ...