Voorspellen ontwikkeling extreme prematuren blijft lastig

Voorspellen ontwikkeling extreme prematuren blijft lastig
Hans van Maanen
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2013;157:C1743

artikel

Kinderen die veel te vroeg (≤ 32 weken) of veel te licht (≤ 1500 g) worden geboren, lopen een aanmerkelijk verhoogd risico op latere mentale en motorische ontwikkelingsstoornissen. Om dat risico in te schatten, worden wereldwijd de ‘Bayley Scales of Infant Development’ (BSID) gehanteerd: voor mentale ontwikkeling de MDI, en voor psychomotorische de PDI.

De voorspellende waarde van die schalen is echter niet onomstreden. Sommige studies zijn er zeer positief over, andere zien weinig verband tussen scores en latere ontwikkeling van de kinderen. Vandaar dat Elsa Luttikhuizen dos Santos met Jaap Oosterlaan en collega’s van het VUmc een meta-analyse opzetten, waarvan zij in het tijdschrift Early Human Development verslag doen (2013; epub 15 april). De BSID is zeker een krachtig en valide instrument, menen de auteurs, maar zij concluderen toch dat ‘deze studie laat zien dat de voorspellende waarde van de [BSID-schalen] beperkt is, waarbij de MDI 37% van het latere cognitief functioneren en de PDI 12% van het latere motorisch functioneren verklaart.’

Voor hun meta-analyse vonden zij 16 studies in aanmerking komen, met in totaal 1792 kinderen. De meeste studies waren vrij klein, en de uitkomstmaten waren heterogeen. Bovendien, zo zeggen de auteurs, is de ontwikkeling van kinderen ‘grillig’ en niet rechtlijnig, waardoor gemakkelijk ruis in de resultaten komt. Opmerkelijk vinden de onderzoekers nog dat de MDI ook deels de motorische vaardigheden en het taalvermogen voorspelt.

De onderzoekers vragen zich, met zoveel onverklaarde variantie, af of het goed is beslissingen over interventies en bijvoorbeeld bijzondere scholing te baseren op slechts een enkele uitkomstmaat. ‘Dit onderstreept het belang van betere voorspellers van vertraagde ontwikkeling.’

Gerelateerde artikelen

Reacties