RVS: ‘Pak gezondheidsverschillen actief aan’

Lester du Perron
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2021;165:C4854

Niet ieder mens heeft een goede kans op een gezond leven. Gezondheid is – net als ziekte – tenslotte afhankelijk van vele verschillende factoren. En de meeste daarvan worden bepaald door de sociaal-maatschappelijke omgeving waarin mensen geboren worden. De Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving (RVS) vraagt met het rapport ‘Een eerlijke kans op gezond leven’ om een actieve aanpak van deze gezondheidsverschillen; een oproep die het NTvG met de Gezonde Zorg-campagne onderschrijft.

In Nederland is de totale levensverwachting van mensen met een lage sociaal-economische status ongeveer 7 jaar korter (77 vs. 84 jaar) dan die van mensen met een hoge sociaal-economische status. Mensen met een lage sociaal-economische status kunnen zelfs 18 levensjaren minder ‘in goed ervaren gezondheid’ verwachten. Bovendien blijken die verschillen de laatste jaren niet minder te worden; ze nemen mede als gevolg van de coronacrisis mogelijk zelfs toe.

De RVS vindt daarom dat de maatschappelijke oorzaken van gezondheidsverschillen in Nederland meer centraal moeten komen te staan in overheidsbeleid. Het advies bestaat uit zeven aanbevelingen, waaronder het instellen van een wettelijke…

Dit artikel is gepubliceerd in het dossier
Gezonde Zorg

Gerelateerde artikelen

Reacties

Piet
Loon

De meeste kans heeft onze maatschappij, om er democratisch voor te zorgen dat er minder leefstijl afhankelijke aandoeningen optreden zonder al te grote verschillen tussen bevolkingsgroepen, door ieder kind weer onder de hygienekennis en maatregelen (do and don'ts) uit de Gezondheidsleer te laten opgroeien. Deze kennis werd via het onderwijs diep in de common sense, de opvoeding en in het peuter-, kleuter- en lagere schoolonderwijs gebracht. Daar hoorde de goede lichamelijke opvoeding naar een gezonde houding, een sterk en soepel bewegingsapparaat ook toe. Hiertoe was aanleren van enige discipline wel nodig, wat ook voorgeleefd moet worden. Over de hygienekennis rond gezonde voeding denken we wel veel na en benoemen het discipline gebrek daar wel. Het verbleken en verwateren van deze kennisstroom en hygienekracht in het volk heeft samen met de intensivering van het sedentaire leven en de invloed van de digitalisatie ons op dit dieptepunt gebracht. 

Het vrijheid-blijheiddenken is uiteindelijk gaan bijdragen aan verminderde weerbaarheid, lichamelijk en geestelijk van de opgroeiende generaties, die hun kroost daardoor ook niet tot grote gezondheid kon helpen opvoeden. Geen makkelijke taak om deze preventie weer in goede banen te krijgen. De klassieke orthopedie was al > 250 jaar het kennisveld van preventie en vroeg bijsturen van problemen in vorm en functie bij het kind, voor het hier door de AngloAmerikaanse hang naar oplossingen als het probleem er al is, weggedrukt. Misschien is renoveren in de Zorg nu effectiever dan innoveren. 

Piet van Loon, orthopeed/ houdingsdeskundige, Houding Netwerk Nederland