Of voornamelijk vrijblijvend advies?

Richtinggevend raamplan

Iris Lommerse
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2018;162:C4017

Vraag een aantal willekeurige jonge geneeskundestudenten naar hun mening over het raamplan en het meest gehoorde antwoord zal een wedervraag zijn: ‘Wat is dat ook alweer?’ Opvallend als je bedenkt dat het raamplan de eisen schetst waaraan iedere net afgestudeerde basisarts zou moeten voldoen. Het raamplan, dat begin volgend jaar weer herzien wordt, zou daarmee de toekomst van deze jonge studenten en van de geneeskunde als geheel bepalen. Maar is dat ook zo?

Het waren de medische vervolgopleidingen die ruim 40 jaar geleden aanstuurden op een gegeneraliseerd eisenpakket voor de Nederlandse basisarts; zij hadden als eerste te maken met de wisselende competenties van de jonge basisartsen. Zeker na de veranderingen in 1973 – de geneeskundestudie werd een jaar ingekort en de doelstelling ervan veranderde van ‘kennisverwerving’ naar ‘bekwaamwording’ – nam de behoefte aan duidelijkheid over het te verwachten niveau van de pas afgestudeerde arts toe. In antwoord hierop riep het Interfacultair Overleg Geneeskunde in 1974 het eerste raamplan in het leven.1

Wat staat erin?

Het huidige 98 pagina’s tellende raamplan dateert uit 2009 en geeft een beschrijving van alle kennis en vaardigheden die een beginnend arts nodig heeft om goed te kunnen functioneren.2 Grofweg zijn de eisen onderverdeeld in drie categorieën: (a) vraagstukken rondom gezondheid en ziekte, (b) basisvakken in de artsopleiding en (c) het gewenste profiel van een basisarts. De…

Dit artikel is gepubliceerd in het dossier
Journalistiek

Gerelateerde artikelen

Reacties