‘Meer aandacht voor oudere beroertepatiënt’

Hans van Maanen
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2017;161:C3335

Hoe angstiger een oudere na een beroerte is, hoe groter de kans dat het herstel niet voorspoedig verloopt. Bij de revalidatie moet er meer aandacht zijn voor de specifieke behoeften van ouderen (> 70 jaar) vergeleken met jongere beroerteslachtoffers, zo schrijven Joris de Graaf en collega’s (Disabil Rehabil. 2017; online 5 januari) na een prospectieve cohortstudie van 326 patiënten.

Beroerte is een ouderdomskwaal, met een jaarlijkse incidentie van 0,7/1000 bij Nederlandse 55-minners en 15/1000 bij 70-plussers (totaal ongeveer 37.000 per jaar). Revalidatie is echter vaak nog gericht op herstel van arbeidsparticipatie, terwijl bij ouderen veelal andere beperkingen een rol spelen en re-integratie in de gemeenschap een uitdaging vormt.

In de studie werden 186 jonge en 140 oudere patiënten direct na de beroerte, na 2 maanden en na 1 jaar geïnterviewd. Een half jaar na een beroerte zijn de meeste beroerteslachtoffers stabiel, al zijn de beperkingen na ontslag vooral bij ouderen over het algemeen ‘aanzienlijk’, aldus de auteurs.

Naast de ernst van de beroerte en de leeftijd waren angststoornissen voorspeller van participatierestricties bij ouderen, terwijl vrouwelijk geslacht, verminderde cognitie en depressie een rol speelden in het herstel van jongere patiënten. Een angst- en depressievragenlijst zou risicopatiënten er redelijk snel uit kunnen halen, stellen de auteurs voor.

Zij tekenen overigens aan dat hun factoren niet meer dan 26% van de variantie verklaren. Zij veronderstellen dat ook andere omgevingsfactoren en psychologische factoren van belang zijn, en pleiten voor meer onderzoek in die richting. Eerder werd gevonden dat een positieve levenshouding en zelfwaardering herstel kunnen bevorderen.

Gerelateerde artikelen

Reacties