Juridische aspecten van videoregistratie bij operaties
Open

De digitale operatieassistent: kans of bedreiging?
Stand van zaken
03-08-2011
Claire B. Blaauw, John J. van den Dobbelsteen en Joep H. Hubben
  • Videoregistratie in het ziekenhuis komt steeds vaker voor en het aantal chirurgische ingrepen met behulp van videobeelden groeit.

  • De TU Delft ontwikkelt een bewakingssysteem dat met behulp van videobeelden het medisch personeel direct informeert over technische problemen tijdens de operatieve ingreep, zodat tijdig kan worden bijgestuurd: de digitale operatieassistent.

  • Zodra videobeelden worden opgeslagen, is in juridische zin sprake van verwerking van persoonsgegevens. Op basis van de privacywetgeving dient voor de omgang hiermee voldaan te worden aan een aantal door de wet gestelde eisen.

  • Het gebruik van videobeelden kan vanuit juridisch oogpunt in 3 situaties onderscheiden worden: (a) als essentieel onderdeel bij de behandeling (bijvoorbeeld bij endoscopie), (b) ter bevordering van de kwaliteit van de ingreep en (c) bij intercollegiale beoordeling of onderwijs.

  • Aan wie en hoe toestemming voor de registratie moet worden gevraagd, verschilt per situatie.

  • Aanbevolen wordt om videobeelden van cruciale operatiemomenten op te slaan in het patiëntendossier. Dit geldt ook voor toevalsbevindingen of complicaties, indien dit uit oogpunt van goed hulpverlenerschap wenselijk is voor de behandeling van de patiënt.

  • Naast de arts en patiënt kunnen onder omstandigheden de Inspectie voor de Gezondheidszorg en het Openbaar Ministerie toegang krijgen tot de videobeelden.

  • Heimelijke videoregistratie van de werknemer levert schending van de privacy op en is in principe strafbaar. Videobeelden mogen niet worden gebruikt voor de beoordeling van het functioneren van de betreffende operateur als zodanig.