Het Kwaliteitsinstituut voor artsen

Perspectief
Vera M.A. Jansweijer
Ineke Roede
Florien van Woerden
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2014;158:A7855
Abstract
Download PDF

Samenvatting

Het Kwaliteitsinstituut, onderdeel van het Zorginstituut Nederland, heeft als voornaamste taak het bevorderen van de kwaliteit van zorg. Het werkt samen met alle partijen in de zorg aan kwaliteitsverbetering en aan het inzichtelijk maken van die kwaliteit. Van belang bij de totstandkoming van kwaliteitsstandaarden en meetinstrumenten is inbreng van alle betrokken partijen, onder wie zorgaanbieders, cliënten en zorgverzekeraars. Het uitgangspunt is daarbij de zorgvraag van de cliënt. Het Kwaliteitsinstituut heeft een toetsingskader opgesteld met criteria waaraan kwaliteitsstandaarden en meetinstrumenten moeten voldoen. Zo bevordert het dat partijen goede kwaliteitsstandaarden ontwikkelen en meetinstrumenten die zinvolle en betrouwbare informatie opleveren. De huidige parallelle registratie van patiëntgegevens, voor het zorgproces en voor de levering van kwaliteitsinformatie, veroorzaakt hoge administratielasten en is niet toekomstbestendig. Daarom werkt het Kwaliteitsinstituut het concept ‘informatiestandaard’ verder uit, samen met andere partijen in de zorg. Dit moet uiteindelijk leiden tot meervoudig gebruik van eenduidige, aan de bron geregistreerde gegevens.

Het College voor zorgverzekeringen (CVZ) heet sinds 1 april 2014 Zorginstituut Nederland. Het Kwaliteitsinstituut, onderdeel van het Zorginstituut, voert een nieuwe taak uit: bevorderen van de kwaliteitsverbetering en transparantie van de zorg. In dit artikel beschrijven we hoe het Kwaliteitsinstituut deze taak invult.

Het Kwaliteitsinstituut beheert een openbaar register waarin kwaliteitstandaarden, een verzamelnaam voor richtlijnen, zorgstandaarden en zorgmodules, en meetinstrumenten worden opgenomen als deze voldoen aan toetscriteria. Die criteria zijn opgenomen in het ‘Toetsingskader voor kwaliteitsstandaarden en meetinstrumenten’. Het belangrijkste doel van het register is om aan iedereen in Nederland te laten zien wat goede zorg is, en dat de relevante partijen in de zorg het daarover eens zijn.

Een eerder artikel in het NTvG behandelt de rol van het Kwaliteitsinstituut bij het tot stand komen van kwaliteitsstandaarden en het opnemen daarvan in het register.1 Omdat dit niet het enige is wat we doen, bespreken we in dit artikel een aantal andere initiatieven van het Kwaliteitsinstituut waarmee ook artsen te maken krijgen.

Zinvolle indicatoren

Artsen zuchten onder de druk van verschillende registraties. De huidige prestatie-indicatoren veroorzaken overbodige bureaucratie, omdat ze niet of nauwelijks bijdragen aan de kwaliteit van zorg.2 Minister Schippers riep op het startcongres van het Zorginstituut op om ‘de bezem door de indicatoren te halen’. Een doorn in het oog van artsen is dat er op dit moment veel verschillende indicatorenlijstjes gebruikt worden om de kwaliteit van de geleverde zorg te meten, bijvoorbeeld wanneer zorgverzekeraars voor dezelfde aandoeningen verschillende indicatorensets hanteren. Het Kwaliteitsinstituut streeft ernaar dat er snel verbetering komt in de zeggingskracht van indicatoren. Daarom ondersteunen we de initiatieven van partijen zoals Zorgverzekeraars Nederland om dubbele uitvragen (het meerdere malen opvragen van gegevens) terug te dringen en te komen tot één taal voor kwaliteit. Onder het kopje ‘Informatiestandaarden’ gaan wij hier nader op in.

Minder registratiedruk kan hand in hand gaan met meer transparantie.3 Dit kan door bestaande uitvragen efficiënter te maken. Het Kwaliteitsinstituut overlegt hierover met de houders van klinische registraties, zoals Dutch Institute for Clinical Auditing, en met gegevensmakelaars in de zorg. Een gegevensmakelaar is een partij die de verwerking, opslag en uitwisseling van gegevens tussen partijen op een betrouwbare manier kan uitvoeren. Tot slot stimuleert het Kwaliteitsinstituut dat partijen die informatie vragen, zoals zorgverzekeraars, patiëntenorganisaties en brancheorganisaties, samen meetinstrumenten ontwikkelen en zich committeren aan de indicatoren die in het register staan. Het Kwaliteitsinstituut daagt deze partijen uit om betrouwbare indicatoren te maken die voor de patiënt relevante ervaringen en uitkomsten meten.

Overzicht van kwaliteitsstandaarden

Nederlandse artsen hebben met een grote hoeveelheid kwaliteitsstandaarden te maken. Voor de arts in de praktijk is niet altijd duidelijk welke hij moet volgen. De kwaliteitsstandaarden van de eigen beroepsgroep zijn vaak wel bekend, maar ook anderen kunnen kwaliteitsstandaarden ontwikkelen die voor meerdere beroepsgroepen relevant zijn, bijvoorbeeld richtlijnen voor antistolling. Bovendien zijn er voor dezelfde aandoening vaak meerdere kwaliteitsstandaarden, zoals richtlijnen van specialisten en standaarden van huisartsen. Soms sluiten deze niet op elkaar aan. Het Kwaliteitsinstituut gaat zorgen voor kwaliteitsstandaarden die aan de kwaliteitstoets voldoen. We sturen daarbij op punten als betrokkenheid van alle partijen – inclusief patiënten – die in de beschreven zorg een rol spelen, zorg door de keten heen, en goede onderbouwing van de aanbevelingen.

Artsen moeten vaak ingewikkelde discussies voeren, bijvoorbeeld met verzekeraars over wat belangrijk is bij de zorginkoop en wat zij kwaliteit vinden, en met toezichthouders over de geldende norm. Deze discussies moeten in de toekomst makkelijker worden. Het Kwaliteitsinstituut gaat daaraan bijdragen door kwaliteitsstandaarden, die door partijen in de zorg als ‘goed’ gekwalificeerd worden, op te nemen in het register. Dit ‘kwaliteitsstempel’ maakt de kwaliteitsstandaarden zichtbaar voor alle externe partijen. Wij laten ook zien op welke punten de kwaliteitsstandaarden nog niet aan het toetsingskader voldoen en stimuleren daarmee tot verbetering ervan.

Er is veel onzekerheid bij patiënten over wat de beste behandeling is. Vooral bij diegenen die nog maar kortgeleden een diagnose te horen hebben gekregen en aan een chronische ziekte lijden is er behoefte aan goede informatie. Het Kwaliteitsinstituut publiceert informatie voor patiënten: lekenversies van kwaliteitsstandaarden en zorguitkomsten, die te vinden is op de vernieuwde website Kiesbeter.nl.

Informatiestandaarden

Artsen houden een medisch dossier bij over de behandeling van de patiënt. Maar voor de financiële registratie moet de zorginformatie via een ander systeem worden aangeleverd. Voor de aanlevering van kwaliteitsindicatoren gebruikt men wéér andere registraties. Vandaag de dag zijn multidisciplinaire behandelingen geen uitzondering, maar regel. Toch moet de arts de gegevens uit het medische dossier bij de overdracht vaak nog overtypen of dit laten doen.

Patiëntgegevens worden dus niet altijd even efficiënt of toekomstbestendig vastgelegd. Vooral bij de uitwisseling van gegevens, zoals bij een verwijzing, kan het gebeuren dat de juiste informatie niet voorhanden is. Het Kwaliteitsinstituut wil dat afspraken in de kwaliteitsstandaard over het vastleggen en uitwisselen van gegevens aansluiten bij een informatiestandaard. Daarin staat welke gegevens in het primaire proces vastgelegd worden, met welke type zorgverleners welke informatie wordt uitgewisseld en van welke terminologie gebruik wordt gemaakt. Informatiestandaarden slaan de brug tussen het zorgproces van de patiënt en ICT. Gegevens worden aan de bron, het patiëntendossier, vastgelegd, en – met inachtneming van de privacyregels – voor meerdere doeleinden gebruikt.

De eerste informatiestandaarden zijn al ontwikkeld. Een voorbeeld hiervan is de standaard van de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen, de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie, het College Perinatale Zorg, de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde, de Stichting Perinatale Registratie Nederland, het RIVM Centrum voor Bevolkingsonderzoek en Nictiz. In deze standaard wordt afgesproken welke gegevens van zwangeren worden vastgelegd en kunnen worden uitgewisseld. De dataset bevat niet alleen basale cliëntgegevens, maar juist ook zorginhoudelijke en medische informatie die van cruciaal belang is bij al dan niet acute overdrachtsituaties. Met de komst van deze standaard wordt de communicatie tussen de zorgverleners in de verloskunde geoptimaliseerd. Zo draagt de informatiestandaard bij aan het verbeteren van de kwaliteit van zorg voor moeder en kind.

Knelpunten aanpakken

Het Kwaliteitsinstituut wil partijen aansporen om knelpunten in de zorg op te pakken. Wij doen dit door onderwerpen op een meerjarenagenda te zetten. Dat zijn onderwerpen bij zorgvragen waar veel mensen mee te maken hebben, die een hoge ziektelast of hoge kosten met zich meebrengen, of waarvan de kwaliteit niet optimaal is. Alle domeinen in de zorg, gebaseerd op de ‘International classification of diseases’ (ICD-10), komen cyclisch op de meerjarenagenda aan bod. We vullen deze onderwerpen verder in, in overleg met de betrokken partijen. Daarbij is het perspectief van de patiënt of burger heel belangrijk. Voorbeelden zijn de ontwikkeling van een kwaliteitsstandaard ‘Obesitas bij kinderen’ of de doorontwikkeling van de zorgstandaard ‘Dementie’. Wanneer de ontwikkeling van een kwaliteitsstandaard of een meetinstrument op de meerjarenagenda staat en niet tot stand komt binnen een door het Kwaliteitsinstituut gestelde termijn, kan het instituut doorzettingsmacht inzetten. Het zal dan de Adviescommissie Kwaliteit verzoeken de kwaliteitsstandaard of het meetinstrument te ontwikkelen en aan het register aan te bieden. We zien de doorzettingsmacht als ultimum remedium, omdat het opstellen van kwaliteitsinstrumenten in de eerste plaats een taak voor het veld is.

Wie zijn wij eigenlijk?

Het Kwaliteitsinstituut is een zelfstandig bestuursorgaan en dus een onafhankelijk adviesorgaan van de overheid. De leden van de raad van bestuur zijn benoemd door de minister van VWS. De medewerkers van het Zorginstituut hebben kennis van en ervaring in de gezondheidszorg. Er werken artsen, apothekers, epidemiologen, economen, juristen en vele anderen met een academisch werk- en denkniveau.

Het Kwaliteitsinstituut wordt bijgestaan door de Adviescommissie Kwaliteit. Deze bestaat uit deskundigen uit de curatieve en langdurige zorg en uit leden die het cliëntenperspectief en dat van verpleegkundigen en verzorgenden kunnen inbrengen. Artsen zijn goed vertegenwoordigd in deze commissie. Ze zijn op persoonlijke titel benoemd. Op onze website (www.zorginstituutnederland.nl) ziet u wie er in de raad van bestuur en in de Adviescommissie Kwaliteit zitten.

Wat doet het Kwaliteitsinstituut?

Uitgangspunt bij alle activiteiten van het Kwaliteitsinstituut is het perspectief van de patiënt. We zoeken samenwerking met partijen in de zorg die zich al bezighouden met kwaliteit. We werken bijvoorbeeld samen met de Orde van Medisch Specialisten aan de ontwikkeling van een begrippenkader op het gebied van gepast gebruik en praktijkvariatie. Het NFU-consortium Kwaliteit van Zorg en ZonMW hebben zich bij dit project aangesloten. We financieren bijzondere hoogleraarschappen aan de universiteiten van Tilburg en Rotterdam en zijn op deze wijze verbonden met de academische wereld.

Het Kwaliteitsinstituut draagt bij aan kennisdeling. We organiseren regelmatig kwaliteitsfora met deskundigen uit de praktijk. Ook organiseren we onderzoekersfora samen met het Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg (NIVEL). We richten op de website www.zorginzicht.nl een kwaliteitsbibliotheek in, die overzicht geeft van kwaliteitsstandaarden, meetinstrumenten, good practices en andere kwaliteitsinitiatieven. Daardoor kunnen we signaleren waar lacunes zitten en versnippering tegengaan. Deze kwaliteitsbibliotheek is niet statisch van opzet, maar linkt door naar de verschillende databanken van beheerders van kwaliteitsstandaarden en meetinstrumenten. Daardoor is de informatie altijd up-to-date.

Conclusie

Het Kwaliteitsinstituut, onderdeel van Zorginstituut Nederland, wil partijen samenbrengen en een katalysator van nieuwe initiatieven zijn. Wij gaan voor goede kwaliteitsstandaarden en meetinstrumenten, en voor transparantie van kwaliteit. Deze taak is niet gemakkelijk, maar zeer de moeite waard. We gaan deze uitdaging graag aan, samen met de vele enthousiaste mensen in de zorg die willen werken aan verbetering van de kwaliteit van de zorg.

Literatuur
  1. Legemaate J. Positie van richtlijnen onder nieuwe wet: consequenties van de nieuwe wet over het kwaliteitsinstituut. Ned Tijdschr Geneeskd. 2014;158:A7380 Medline.

  2. Kimpen J. Indicatoren: stop met onzinuitvraag. Skipr 25 juli 2013. www.skipr.nl/blogs/id1524-indicatoren-stop-met-onzin-uitvraag-.html, geraadpleegd op 3 november 2014.

  3. Delnoij D. De bezem erdoor: minder registratielast, meer transparantie. Skipr 16 april 2014. www.skipr.nl/blogs/id1826-de-bezem-erdoor-minder-registratielast-meer-transparantie.html, geraadpleegd op 3 november 2014.

Auteursinformatie

Zorginstituut Nederland, Diemen.

Kwaliteitsinstituut: dr. V.M. Jansweijer, moleculair bioloog; dr. I. Roede, gezondheidswetenschapper.

Afd. Juridische zaken: mr. F. van Woerden, jurist.

Contact mr. F. van Woerden (fwoerden@zinl.nl)

Belangenverstrengeling

Belangenconflict en financiële ondersteuning: geen gemeld.

Auteur Belangenverstrengeling
Vera M.A. Jansweijer ICMJE-formulier
Ineke Roede ICMJE-formulier
Florien van Woerden ICMJE-formulier

Gerelateerde artikelen

Reacties