Forensische aspecten van fracturen op de kinderleeftijd
Open

Media
25-09-2009
Rian Teeuw
Forensische aspecten van fracturen op de kinderleeftijd

Jaarlijks worden er in Nederland ruim 19.000 slachtoffers van fysieke mishandeling herkend (Van IJzendoorn et al, 2007). Fracturen zijn na huidletsels de meest voorkomende letsels, 25% van de fracturen bij kinderen onder de 3 en 50-69% van de fracturen onder de 1 is het gevolg van kindermishandeling. Fracturen komen ten gevolge van een (onge)val ook regelmatig voor. Artsen die met fracturen bij kinderen in aanraking komen behoren te beschikken over een uitstekende kennis betreffende factoren die hen in staat stellen te bepalen of er sprake kan zijn van mishandeling.

Dit uitstekende, en eerste Nederlandstalige boek op dit gebied, van kindermishandelingexperts Rob Bilo (forensische pediatrie), Simon Robben en Rick van Rijn, (kinderradiologie), gaat op al deze factoren in. Het biedt meer dan het buitenlandse standaardwerk van Kleinman, Diagnostic imaging of child abuse, 1998, tot nu toe bood: naast kinderradiologie ook pathofysiologie.

Het eerste algemene deel bespreekt fractuurtypen en specificiteit van fracturen bij kindermishandeling maar ook richtinggevende factoren in de medische work up. Daarna volgen hoofdstukken over de verschillende lichaamsdelen, een uitstekend overzicht betreffende allerhande accidenteel trauma en een zeer bruikbaar overzicht van normaalvarianten, aangeboren en verworven afwijkingen die in de differentiaaldiagnose moeten worden overwogen. De richtlijnen betreffende beeldvorming bij een vermoeden van kindermishandeling worden zorgvuldig besproken evenals de mogelijkheden tot datering. Het boek is voorzien van mooie figuren, foto’s en tabellen. Dit boek zou verplichte literatuur moeten zijn van kinderartsen, chirurgen, orthopeden, SEH-artsen, vertrouwensartsen en radiologen (in opleiding). Ik hoop dat dit boek het eerste zal zijn van een reeks over fysieke kindermishandeling.