De uiteindelijke bestemming van artikelen afgewezen voor publikatie in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde

Onderzoek
H.R. Koene
A.J.P.M. Overbeke
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 1994;138:2443-6
Abstract
Download PDF

Samenvatting

Doel

Bepalen welk percentage van artikelen die door het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG) worden afgewezen voor publikatie, alsnog wordt gepubliceerd.

Opzet

Retrospectief.

Plaats

Redactiebureau NTvG.

Methode

Van alle 1o8 artikelen die in de tweede helft van 1992 (definitief) door de hoofdredactie van het NTvG werden afgewezen, werd door middel van zoeken in Medline en een schriftelijke enquête bij de auteurs onderzocht of ze alsnog gepubliceerd waren. De artikelen werden ingedeeld in de rubrieken die ze bij aanbieding kregen toegewezen.

Resultaten

Van alle 108 artikelen werden 14 via Medline teruggevonden. Hiervan waren 5 gepubliceerd vóórdat ze bij het NTvG werden aangeboden (4 van deze pogingen tot dubbelpublikatie waren niet gemeld). De respons op de enquête was 85; 93 artikelen konden in het onderzoek betrokken worden. Het totale publikatiepercentage van afgewezen artikelen was 60 ((4693 (49) gepubliceerd, 1093 (11) reeds geaccepteerd)); 5 afgewezen artikelen bleken 2 keer in verschillende tijdschriften te zijn gepubliceerd. Het tijdsinterval tussen afwijzing en publikatie van artikelen die na afwijzing gepubliceerd werden, was gemiddeld 11 maanden. Van alle gevonden gepubliceerde en voor publikatie geaccepteerde artikelen (n = 62; inclusief dubbelpublikaties) verschenen 25 in het Engels en 37 in het Nederlands.

Conclusie

Van artikelen die door het NTvG werden afgewezen werd 60 elders gepubliceerd.

Inleiding

Jaarlijks worden gemiddeld ruim 800 artikelen bij het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG) ter publikatie aangeboden. Na ‘peer review’ wordt circa 60 van de aangeboden artikelen gepubliceerd. De overige 40 wordt om verschillende redenen afgewezen, waarbij inhoudelijke tekortkomingen het vaakst de doorslag geven.1

Vaak wordt aangenomen dat een meerderheid van de afgewezen manuscripten ooit elders aangeboden en (of) gepubliceerd zal worden. Chew onderzocht wat gebeurde met 254 door The American Journal of Roentgenology afgewezen artikelen. Hij stelde vast dat 45 tot 54 maanden na afwijzing 64 alsnog elders gepubliceerd was, waarbij van de zogenaamde ‘major papers’ (alle artikelen behalve casuïstische en technische mededelingen) een groter gedeelte gepubliceerd was dan van andere artikelen.2 Van artikelen die niet-Noordamerikaans onderzoek beschreven en die door The American Journal of Public Health werden afgewezen, werd 72 alsnog elders gepubliceerd.3 Een lager percentage werd door Abby et al. gevonden. Zij onderzochten wat gebeurde met artikelen die door The American Journal of Surgery werden afgewezen en constateerden dat slechts 38 van de artikelen alsnog elders werd gepubliceerd.4

Wij zijn nagegaan wat gebeurt met artikelen die door de hoofdredactie van het NTvG (na peer review) voor publikatie worden afgewezen.

Methoden

Van alle artikelen die in de tweede helft van 1992 door de hoofdredactie van het NTvG werden afgewezen werd nagegaan of ze later (of eerder) werden gepubliceerd; de oudste stukken waren circa 2 jaar vóór het onderzoek afgewezen.

Ten eerste werd in het gegevensbestand Medline gezocht. Daarbij werd aangenomen dat de eerste auteur van het afgewezen stuk in ieder geval één van de auteurs van het gepubliceerde artikel zou zijn. Wanneer een titel gevonden werd, werd de samenvatting van het artikel zoals die in Medline staat, vergeleken met de inhoud van het afgewezen artikel. Artikelen werden als gepubliceerd beschouwd indien er geen wezenlijke verschillen waren in doel, opzet, methode en conclusie tussen het afgewezen stuk en de publikatie. Wetenschappelijke voordrachten die in de vorm van ‘abstracts’ waren opgenomen, werden niet als publikatie beschouwd, brieven (aan de redactie) wel. Indien een artikel meerdere malen werd gepubliceerd, werd slechts 1 publikatie in de berekening van het publikatiepercentage betrokken.

Ten tweede werd schriftelijk contact gezocht met een van de auteurs van de afgewezen stukken. Deze werd gevraagd of het artikel gepubliceerd was en zo ja, waar en wanneer. Zoveel mogelijk werd geprobeerd die auteur te bereiken die een vaste aanstelling leek te hebben of die voor langere tijd aan een ziekenhuis of instelling verbonden was (bijvoorbeeld als specialist of als assistent in opleiding). Auteurs die het enquêteformulier niet terugstuurden, kregen na een aantal weken een herinnering toegestuurd.

De artikelen werden ingedeeld naar de rubriek die was toegekend bij aanbieding aan het NTvG: Oorspronkelijke stukken, Capita selecta (overzichtsartikelen), Klinische lessen, Casuïstische mededelingen, en overige artikelen (Commentaren, Brieven aan de redactie, Voor de praktijk, Medische opleiding, Arts en samenleving, Epidemiologische mededelingen, Geneeskunde en recht, Geschiedenis der geneeskunde).

Bij de alsnog elders gepubliceerde artikelen werd het aantal maanden tussen afwijzing door het NTvG en acceptatie door een ander tijdschrift uitgerekend. Sommige auteurs boden hun artikel na herschrijven voor een tweede keer bij het NTvG aan. Wanneer een stuk ook de tweede maal door de redactie werd afgewezen, werd de laatste afwijzingsdatum gebruikt bij de berekening van het tijdsinterval.

Verschillen in publikatiepercentages tussen de rubrieken onderling werden getoetst met de ?2-toets met Yates-correctie.

Resultaten

In de tweede helft van 1992 werden 112 artikelen voor publikatie in het NTvG afgewezen; 4 artikelen werden afgewezen en op verzoek van de redactie herschreven of samengevoegd met een ander artikel, waarna ze voor publikatie aanvaard werden. Deze 4 werden niet in het onderzoek betrokken. Van de 108 resterende artikelen werden 8 na hernieuwde aanbieding voor de tweede keer afgewezen. Naar rubriek werden 42 oorspronkelijke stukken, 12 capita selecta, 10 klinische lessen, 27 casuïstische mededelingen en 17 overige artikelen afgewezen.

Via Medline (januari 1990-mei 1994) konden 14 van de 108 artikelen worden teruggevonden. Er werd 2 keer een afgewezen stuk als ‘letter’ in The Lancet gepubliceerd; 1 keer ging het om een afgewezen oorspronkelijk stuk, 1 keer om een afgewezen casuïstische mededeling. Van 5 van de afgewezen artikelen konden wij vaststellen dat ze, vóórdat ze bij het NTvG werden aangeboden, eerder elders waren gepubliceerd. Bij 4 ervan was deze poging tot dubbelpublikatie niet gemeld.

Het responspercentage bij de auteursenquête was 85 (92 van de 108 brieven werden geretourneerd). Eén keer werd een brief teruggezonden zonder dat de vragen waren beantwoord. In combinatie met de 14 artikelen die al via Medline waren gevonden (van de brieven die naar aanleiding van deze artikelen werden verstuurd, werden 13 geretourneerd) konden in totaal 93 van de 108 artikelen (86) in het onderzoek worden betrokken.

Van 5 artikelen die via de auteursenquête als gepubliceerd werden opgegeven, was via Medline een tweede publikatie gevonden; 1 keer was een reeds elders gepubliceerd artikel volgens de auteur inmiddels ook geaccepteerd voor een tweede publikatie. Van deze dubbelpublikaties werd steeds slechts 1 in de berekening van het publikatiepercentage betrokken.

Alsnog elders voor publikatie aanvaardgepubliceerd

Van alle 93 onderzochte afgewezen artikelen waren 46 alsnog gepubliceerd en 10 reeds voor publikatie aanvaard, samen 56 (60). De verdeling per rubriek wordt vermeld in tabel 1. Er waren geen statistisch significante verschillen in publikatiepercentages tussen de rubrieken.

Op 6 van de antwoordformulieren werd de maand van publikatie niet ingevuld. Van de overblijvende 45 publikaties (46 plus 5 (tweemaal gepubliceerd) minus 6 (formulier onvolledig ingevuld)) verschenen 5 vóórdat ze bij het NTvG werden aangeboden. De 40 publikaties die na afwijzing door het NTvG gepubliceerd werden en waarvan de publikatiedatum bekend was, verschenen gemiddeld 11 maanden (uitersten: 1-20) na de afwijzing.

Van alle 51 gevonden publikaties (inclusief de dubbelpublikaties) en de 11 geaccepteerde maar nog niet gepubliceerde artikelen (1 dubbelpublikatie) werden (worden) 24 (39) door een Engelstalig en 37 (60) door een Nederlandstalig tijdschrift gepubliceerdvoor publikatie aanvaard; 1 artikel werd als hoofdstuk in een boek opgenomen. Van de 37 Nederlandstalige artikelen werden 28 in een wetenschappelijk en 9 in een niet-wetenschappelijk of lokaal ziekenhuistijdschrift opgenomen.

Beschouwing

Het door ons gevonden percentage afgewezen artikelen dat elders gepubliceerd werd, te weten 60, komt min of meert overeen met eerdere bevindingen (tabel 2).2-6 Artikelen die door The American Journal of Surgery worden afgewezen, worden slechts in 38 van de gevallen alsnog elders gepubliceerd.4 De hoogste percentages werden gevonden bij manuscripten die werden afgewezen door The New England Journal of Medicine en The Journal of Clinical Investigation, beide tijdschriften met een hoge ‘impact factor’.5 Van deze artikelen werd 85 als nog elders gepubliceerd, waarbij 80 van de artikelen die door The New England Journal of Medicine werden afgewezen zelfs zonder enige revisie elders werd aangeboden en geaccepteerd. Bij al deze onderzoeken werd alleen gekeken naar de gepubliceerde artikelen en niet naar de artikelen die voor publikatie aanvaard waren. Er was echter een groter tijdsinterval tussen de datum van afwijzing en de periode van onderzoek naar de uiteindelijke bestemming van de afgewezen artikelen dan bij ons het geval was.

Van alle 46 alsnog gepubliceerde artikelen (51 publikaties) in ons onderzoek werden slechts 14 via Medline teruggevonden. Dit betekent dat een overgrote meerderheid van de alsnog gepubliceerde artikelen niet gemakkelijk toegankelijk is, waarbij moet worden aangetekend dat een aanzienlijk aantal afgewezen artikelen (n = 10) werd gepubliceerd in Huisarts en Wetenschap, het Tijdschrift voor Huisartsgeneeskunde en Medisch Contact, tijdschriften die niet in Medline zijn opgenomen, maar toch een groot bereik onder Nederlandse (huis)artsen hebben.

Alvorens het afgewezen artikel bij een ander tijdschrift aan te bieden, kan de auteur gebruik maken van de op- en aanmerkingen die de hoofdredactie en (of) de adviseurs van het NTvG bij het stuk plaatsten. Deze worden altijd bij de afwijzingsbrief gevoegd. Garfunkel et al. stelden vast dat 33 van de 40 auteurs van wie het artikel in 1988 door het Journal of Pediatrics werd afgewezen, van plan waren hun stuk te herschrijven voordat zij het elders zouden aanbieden.7 Hierdoor zouden de kwaliteit van het manuscript en de kans op acceptatie kunnen toenemen. Slechts 1 van de 40 auteurs gaf in het genoemde onderzoek te kennen zijn artikel nergens anders meer aan te zullen bieden.

Ondanks het feit dat het NTvG niet is opgenomen in de ‘Science citation index’ en daarom geen getalsmatige impact factor heeft, wordt publiceren erin toch als belangrijk ervaren. Barnard en Overbeke constateerden dat oorspronkelijke stukken die in de eerste helft van 1992 in het NTvG verschenen in 16 van de gevallen niet-gemelde dubbelpublikaties waren van eerder gepubliceerde artikelen.8 Van alle afgewezen artikelen waren, voor zover wij dat konden achterhalen, 5 artikelen op het moment dat ze bij het NTvG werden aangeboden eerder elders gepubliceerd, waarbij deze pogingen tot dubbelpublikatie 4 van de 5 keer niet gemeld waren. Waarschijnlijk gebeurt dit in werkelijkheid nog vaker.

Wij kunnen moeilijk beoordelen of het door ons gevonden publikatiepercentage van afgewezen artikelen (60) een over- of onderschatting van de werkelijkheid is. Het responspercentage van 85 is alleszins redelijk te noemen, maar het is mogelijk dat auteurs door ongenoegen en (of) teleurstelling geen antwoord wilden geven. Men kan zich echter ook voorstellen dat auteurs om diezelfde reden juist aan het NTvG kenbaar wilden maken dat hun artikel toch gepubliceerd was, om daarmee aan te tonen dat het stuk ‘ten onrechte’ was afgewezen. Een andere oorzaak van onderschatting van het publikatiepercentage kan zijn dat de stukken niet ‘oud’ genoeg waren om publikatie op betrouwbare wijze na te gaan. Chew stelde vast dat ongeveer 20 maanden na afwijzing artikelen nauwelijks nog worden gepubliceerd.2 De artikelen uit ons onderzoek waren tot 2-2,5 jaar voordien afgewezen. Gezien onze informatie dat van alle artikelen 10 nog niet gepubliceerd waren, maar wel al geaccepteerd, zou het publikatiepercentage mogelijk iets hoger uitgevallen zijn wanneer wij de analyse later hadden uitgevoerd.

Afwijzing van een artikel geeft geen harde garanties omtrent de (uiteindelijke) wetenschappelijke waarde ervan, net zo min als publikatie van een artikel dat doet.59 Publikatie in vooraanstaande tijdschriften lijkt vaak wel wetenschappelijke waarde te garanderen, alhoewel het blind vertrouwen op grond van autoriteit gevaarlijk is,10 en in het verleden ook in ‘grote’ tijdschriften wel eens fouten zijn gemaakt.6 Peer review is het enige gereedschap dat redacties ter hand kunnen nemen om de wetenschappelijke kwaliteit van de in hun tijdschrift gepubliceerde artikelen zo goed mogelijk te waarborgen. Een onderzoek naar de kwaliteit van het beoordelingsproces van het NTvG is onlangs afgesloten. Het NTvG is een wetenschappelijk tijdschrift voor de algemeen-medische lezer. Het feit dat het grootste deel van de door het NTvG afgewezen en daarna alsnog elders gepubliceerde artikelen verschijnt in Nederlandstalige tijdschriften met een minder algemeen karakter en een minder groot bereik en dat afgewezen artikelen zelden verschijnen in ‘grote’ internationale tijdschriften, ondersteunt de opvatting dat het beoordelingsproces van waarde is.

Wij danken dr.H.C.Walvoort, wetenschappelijk eindredacteur, voor commentaar op het manuscript.

Literatuur
  1. Kan CC, Lockefeer JHM, Overbeke AJPM. Redenen vanafwijzing van artikelen voor publikatie bij het Nederlands Tijdschrift voorGeneeskunde in 1990. Ned TijdschrGeneeskd 1991;135:840-5.

  2. Chew FS. Fate of manuscripts rejected for publication inthe AJR. AJR 1991;156:627-32.

  3. Koch-Weser D, Yankauer A. The authorship and fate ofinternational health papers submitted to the American Journal of PublicHealth in 1989. Am J Public Health 1993;83:1618-20.

  4. Abby M, Massey MD, Galandiuk S, Polk HP. Peer review is aneffective screering process to evaluate medical manuscripts. JAMA1994;272:105-7.

  5. Olson CM. Peer review of the biomedical literaturereview. Am J Emerg Med 1990;8:356-8.

  6. Lock S. A difficult balance: editorial peer review inmedicine. London: The Nuffield Provincial Hospital Trust, 1985.

  7. Garfunkel JM, Lawson EE, Hamrick HJ, Ulshen MH. Effect ofacceptance or rejection on the author's evaluation of peer review ofmedical manuscripts. JAMA 1990;263:1376-8.

  8. Barnard H, Overbeke AJPM. Dubbelpublikatie vanOorspronkelijke stukken in en uit het Nederlands Tijdschrift voorGeneeskunde. Ned Tijdschr Geneeskd1993;137:593-7.

  9. Rennie D. More peering into editorial peer revieweditorial. JAMA 1993;270:2856-8

  10. Skrabanek P, McCormick J. Follies and fallacies inmedicine. Glasgow: The Tarragon Press, 1989.

Auteursinformatie

Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, Postbus 75971, 1070 AZ Amsterdam.

H.R.Koene, arts-stagiair; dr.A.J.P.M.Overbeke, uitvoerend hoofdredacteur.

Contact H.R.Koene

Gerelateerde artikelen

Reacties