Dalende incidentie van zelfdoding en veranderende methoden
Open

Onderzoek
04-06-2009
Albert M. van Hemert en Marjolijn de Kruif

Doel

Vaststellen van tijdtrends in incidentie en gebruikte methoden van zelfdoding in de periode 1970-2007. Vaststellen van het verlies aan levensjaren.

Opzet

Retrospectief dynamisch cohortonderzoek in de Nederlandse bevolking.

Methode

De analyses werden uitgevoerd met gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) over aantallen en methoden van zelfdoding en over demografische kenmerken van de bevolking. Gegevens werden met de directe methode gestandaardiseerd voor leeftijd en geslacht naar de Nederlandse bevolkingsopbouw van 2007. Tijdtrends werden berekend met poissonregressie.

Resultaten

Sinds 1983 daalde de gestandaardiseerde incidentie van zelfdoding met 38% (95%-BI: 36-40) van 14,8 per 100.000 in het piekjaar 1983 naar 8,3 per 100.000 in 2007. In de leeftijdsgroep van 20-59 jaar was de daling met respectievelijk 47% (95%-BI: 44-51) en 18% (95%-BI: 14-22) aanzienlijk groter voor vrouwen dan voor mannen. De grootste daling vond plaats in de leeftijdsgroep boven 60 jaar: 58% (95%-BI: 55-60). Het aandeel van verdrinking als methode van zelfdoding nam af en dat van verhanging nam toe. In 2007 gingen in Nederland ruim 43.000 levensjaren verloren door zelfdoding, waarvan 82% in de leeftijdsgroep van 20-59 jaar.

Conclusie

Het aantal zelfdodingen in Nederland daalde sinds 1983 substantieel. Vooralsnog is onduidelijk welke factoren dit bepaalden.