Asielzoekers in de Grote Oceaan: hoge prevalentie van psychiatrische stoornissen door kampomstandigheden

J.M.M. Dormaar
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2003;147:773-6
Abstract
Download PDF

Samenvatting

Australië scheept zijn asielzoekers af naar arme eilanden in zijn omgeving, waaronder Nauru. Zij worden daar in detentie gehouden, met ernstige gevolgen voor hun geestelijke gezondheid en frequent vóórkomen van psychiatrische stoornissen. Goede geestelijke gezondheidszorg is onder deze omstandigheden niet mogelijk. Detentie is onnodig en inhumaan. De International Organization for Migration (IOM), verantwoordelijk voor deze kampen, moet zich beraden op haar missie als grootste organisatie voor migratievraagstukken.

artikel

Australië is het enige land ter wereld dat detentie van alle asielzoekers als officiële politiek heeft. Omdat ik als psychiater heb gewerkt voor de asielzoekers op de kleine eilandrepubliek Nauru in de Grote Oceaan van juli tot november 2002, geef ik hier mijn indrukken wat betreft de gevolgen voor de geestelijke gezondheid van dit beleid.

Australië en Nauru hebben het eiland volledig afgesloten voor de pers en organisaties als Amnesty International. Het is de buitenwereld daarom onbekend hoe het daar toegaat.

In augustus 2001 was de Tampa in het nieuws: een Noors containerschip had 400 Afghaanse asielzoekers gered en kreeg geen toestemming om hen op Australisch grondgebied aan wal te brengen. Het schip werd geënterd door Australische ‘special forces’ en de asielzoekers werden met valse beloften én met geweld van boord gehaald. Daarna werd het stil rond hen. Na drie weken zwerven op een Australisch marineschip werden zij ontscheept op Nauru. Dit grotendeels kale koraaleilandje is 21 vierkante kilometer groot, heeft een heet en vochtig klimaat en ligt geïsoleerd in de Grote Oceaan halverwege Brisbane en Hawaï (figuur 1).

Australië had met een snelle wetswijziging de Pacific Solution ingevoerd om asielzoekers de toegang tot het land te beletten en hen te kunnen verbannen naar een ‘declared country’ zoals Nauru. Deze politiek is uitvoerig bekritiseerd (Human Rights Watch. Not for export. Why the international community should reject Australia's refugee policies. www.hrw.org/press/2002/09/ausbrf0926.htm; Human Rights Watch. By invitation only. Australian asylum policy. http://hrw.org/reports/2002/australia).

In 2001 deporteerde Australië 1100 asielzoekers naar Nauru. Recent kwam het bericht dat Australië begin 2003 weer 1500 uitgeprocedeerde asielzoekers en vluchtelingen die weigeren terug te keren naar hun land, naar Nauru zal overbrengen.

de asielzoekers op nauru en hun levensomstandigheden

De asielzoekers zijn gehuisvest in twee – van de buitenwereld vrijwel afgesloten – kampen, één voor de Afghanen en één voor de Irakezen. De International Organization for Migration (IOM) runt de kampen op verzoek van Australië en wordt geheel betaald door dit land. De IOM is een grote, intergouvernementele organisatie met 93 lidstaten, waaronder Nederland. Ik was destijds in dienst van deze organisatie.

Sinds eind december 2001 verbleven op Nauru 1100 Afghaanse en Irakese asielzoekers. Die waren eind 2002 goeddeels vertrokken; een klein deel was geaccepteerd als vluchteling. Ongeveer 400 Afghanen waren ‘vrijwillig’ gerepatrieerd. Ruim 300 asielzoekers, 125 Irakezen en 200 Afghanen, verbleven na ruim een jaar nog steeds op het eiland naast een onbekend aantal erkende vluchtelingen dat al maanden op herhuisvesting wachtte.

Op 22 september 2002 bestond de totale populatie uit ruim 900 personen. Van de bijna 700 Afghanen, onder wie 74 kinderen, waren slechts 94 geaccepteerd als vluchteling. In het andere kamp verbleven ruim 200 Irakezen, van wie 113 waren geaccepteerd als vluchteling. De gemiddelde leeftijd van de Afghanen was 24 jaar, de Iraki waren gemiddeld wat ouder (geen exacte gegevens beschikbaar).

De Afghanen, de groep waarmee ik het meest in aanraking was, waren grotendeels Hazara. Deze etnische groep, ongeveer 20 van de Afghaanse bevolking, zijn Shia-moslims. De Pashtun, de etnische groep waaruit de Taliban voortkwamen en vrijwel geheel Sunni-moslim, hebben de Hazara eeuwenlang onderdrukt. Hiermee kregen de Hazara op Nauru weer te maken. Zowel de Afghaanse stafleden van de IOM als de tolken die door Australië waren geselecteerd op hun ‘betrouwbaarheid’ waren Pashtun en overwegend negatief over de in hun ogen minderwaardige Hazara.

De kampen zijn omringd door een hek en liggen temidden van kale koraalrotsen, verwijderd van de kuststrook waar de lokale bevolking woont (11.000 inwoners). Voor men het eigenlijke kamp betreedt, komt de bezoeker langs een post van de Australian Protective Service. Personeel hiervan houdt de asielzoekers in de gaten en arresteert elke asielzoeker die zonder toestemming buiten de poort komt of in het kamp problemen maakt. Een groot aantal is naar de lokale gevangenis van Nauru gebracht, allen zonder formele aanklacht. Bij de poort controleren veiligheidsbeambten alle asielzoekers die toestemming hebben om buiten het kamp te komen. Ook patrouilleren zij dag en nacht door het kamp.

De meeste asielzoekers zijn gehuisvest in houten barakken, met plastic zeil verdeeld in compartimenten voor 4 tot 15 asielzoekers. Douches en wc's zijn een deel van de dag onbruikbaar vanwege watergebrek (figuur 2).

De centraal bereide maaltijden mogen alleen in de cafetaria's genuttigd worden. De IOM distribueert alles, zoals zeep, kleren en zelfs sigaretten. Regels en voorschriften regeren alle aspecten van het dagelijks leven. Het contact met de buitenwereld is beperkt. Voor de meeste activiteiten is toestemming van de IOM-staf nodig. De dag verglijdt in monotoon nietsdoen.

Wat zijn de gevolgen van deze leefomstandigheden? Voor de meeste mensen die geïnterneerd zijn geweest, is het moeilijk om die ervaring onder woorden te brengen, al heeft die hen vaak voor het leven getekend. Maar Goffman heeft de funeste gevolgen beschreven van leven in zogenaamde totale instituties, zoals kampen en gevangenissen, waar alle levensgebieden beheerst worden door de autoriteiten.1

geestelijke gezondheid in het kamp

In augustus 2002 was de ‘mental health unit’ 6 maanden werkzaam en hadden in totaal 127 Afghaanse asielzoekers zich aangemeld. 118 van de 127 dossiers waren afkomstig van de 620 volwassen mannelijke asielzoekers (19). De meesten van hen hadden een aanpassingsstoornis met depressieve stemming en/of angst met klachten als slaapproblemen, voortdurend piekeren over de toekomst en de familie in Afghanistan, verminderde interesse, verlies van energie en snel ontredderd zijn. Vrijwel iedereen had langdurig klachten ten gevolge van de voortdurende stress van het kampleven.

De Afghanen zijn in Nauru gearriveerd in drie groepen: de Tampa-groep op 19-20 september, de Tobrouk-groep op 15 oktober en de Christmas Island-groep op 31 december 2001. Van deze drie kwamen in de Tampa-groep de bovengenoemde stoornissen het vaakst voor (25) en in de recentste groep het minst (13). In alledrie leden de oudere asielzoekers vaker aan geestelijke gezondheidsproblemen: 32 in de leeftijdsgroep boven 40 jaar en 9 in de leeftijdsgroep van 16-20 jaar. Omdat de drie groepen niet verschilden in niveau van posttraumatische symptomen, sociaal-economische achtergrond, leeftijdsverdeling of opleidingsniveau, lijkt de duur van de ellende van het opgesloten zijn in het kamp de belangrijkste factor om de verschillen in gerapporteerde morbiditeit te verklaren. Een korte casus ter illustratie:

Een nette man van 45 jaar, lid van de Socialistische Partij sinds 1981, gehuwd en vader van tien kinderen, werkte na de val van de Najibullah-regering als tandarts. Hij werd vervolgd door de Mujaheddin en daarna door de Taliban, omdat hij een communist was en hun een stuk land had geweigerd waarop zij een religieuze school wilden bouwen. Hij is somber en gespannen. De eerste maanden in Nauru voelde hij zich goed, maar nu is hij in toenemende mate geïrriteerd en rusteloos. Hij heeft weinig om handen en denkt alsmaar aan zijn familie, die nu waarschijnlijk naar Pakistan is gevlucht. Niemand van de andere Afghanen of van de staf van de IOM begrijpt hoe hij lijdt. Hij kan niet slapen en heeft geen eetlust. Hij heeft 6 kilo gewicht verloren in de laatste maand. Hij is alles kwijt dat het leven waardevol maakte voor hem.

Hoe moet je als psychiater werken onder deze omstandigheden? Geestelijke gezondheid in ruime zin is meer dan de afwezigheid van ziekte of stoornis, maar betreft ook het psychisch welzijn van mensen. Al lang weten wij dat dit welzijn afhangt van de sociale condities waaronder mensen leven.2 De ‘mental health unit’ heeft geen invloed op de gevangenisachtige leefomstandigheden, maar die zijn wel goeddeels verantwoordelijk voor de stoornissen bij degenen die wij daar moeten behandelen. Het is als dokter zijn zonder antiseptische middelen of traumachirurg terwijl de overheid snelheidslimieten en het gebruik van helmen of veiligheidsriemen verbiedt.

beschouwing

Australië probeert zijn stringente asielpolitiek te propageren bij andere westerse landen (Human Rights Watch. Not for export. Why the international community should reject Australia's refugee policies. www.hrw.org/press/2002/09/ausbrf0926.htm). Op grond van mijn ervaringen denk ik dat dit beleid voor Nederland en andere westerse landen geen navolging verdient gezien de psychische gevolgen voor de asielzoekers, de mensenrechten en verplichtingen krachtens de Conventie van Genève uit 1951 (Verdrag betreffende de Status van Vluchtelingen). Het merendeel van de asielzoekerspopulatie heeft in het land van herkomst ernstige psychotraumatische gebeurtenissen doorstaan en neemt grote risico's door dit land te verlaten.3 In plaats van aan hen die aan onderdrukking ontsnapt zijn een veilige en steunende omgeving te bieden, spaart de Australische regering kosten noch moeite om een omgeving van dreiging en angst te reproduceren, waarvoor zij nu juist gevlucht zijn.4

Er zijn veel aanwijzingen dat de duur van detentie samenhangt met de frequentie en ernst van angst en depressie (www.mja.com.au/public/issues/175_12_171201/steel/steel.html).5 Wetenschappelijk onderzoek in deze detentiekampen is niet toegestaan. Er is daardoor weinig bekend over de gevolgen van langdurige detentie. Wel kwam in 2001 een verslag over het leven in zo'n kamp in de publiciteit, geschreven door een Irakese arts en afgewezen asielzoeker (www.mja.com.au/public/issues/175_12_171201/sultan/sultan.html).6 In Nauru was het vooral gebrek aan tijd en middelen die mijn onderzoek beperkten.

Het aantal vluchtelingen is de laatste 20 jaar sterk gestegen. In 2000 waren 50 miljoen mensen ontheemd, van wie 22 miljoen onder het mandaat van het Hoge Commissariaat van de Verenigde Naties voor de Vluchtelingen (UNHCR) vielen (Refugees and others of concern to UNHCR, 2000. Statistical overview. www.unhcr.ch). De laatste tien jaar proberen de westerse landen de toestroom te verminderen. Ook andere landen zoals de VS en Groot-Brittannië sluiten asielzoekers nu op in detentiecentra.3

conclusie

De genoemde rapporten over het Australische asielbeleid laten zien hoezeer deze praktijk basale mensenrechten schendt. Detentie, vaak langer dan een jaar durend, heeft een sterk negatief effect op de geestelijke gezondheid van asielzoekers, die toch al een kwetsbare groep vormen vanwege het leed dat met verlies van huis, familie en sociale steun gepaard gaat, en die schokkende ervaringen achter de rug hebben in hun land van herkomst.

Goede gezondheidszorg is een belangrijke mensenrechtenkwestie, maar de aanbevelingen ten aanzien van de geestelijke gezondheidszorg van de asielzoekers in Nauru zijn goeddeels genegeerd, omdat de IOM geen stelling neemt. Het rapport van twee Australische adviseurs zwijgt trouwens over de detentie die door Australië opgelegd is (Minas H, Wraith R. Assessment of mental health needs of asylum seekers in Nauru. Report to IOM, January 2002). Deze beperking van bewegingsvrijheid en van andere normale dagelijkse bezigheden is inhumaan en onnodig, want waar kan de asielzoeker heen op dit geïsoleerde eilandje, dat men alleen per vliegtuig kan verlaten?

Geestelijke gezondheidszorg volgens humane en professionele normen kan alleen verleend worden op Nauru indien de IOM als de grootste internationale organisatie op het gebied van migratievraagstukken, meer verantwoordelijkheid neemt voor de omstandigheden waaronder zij voor asielzoekers wil zorgdragen. Als de leidende internationale organisatie voor migranten is de IOM in een unieke positie om normen te stellen volgens welke zij bereid is voor haar lidstaten de zorg voor asielzoekers op zich te nemen. Dit is dringend nodig, omdat asielzoekers een grote kans lopen om bij slechte opvang geestelijke gezondheidsproblemen te krijgen, die langdurige of zelfs blijvende gevolgen hebben.

De wijze waarop die normen worden nagekomen, zal ook aantonen welke ‘landen van de vrije wereld’ die benaming werkelijk verdienen en welke landen bereid zijn om hun verplichtingen op grond van de Conventie van 1951 en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens na te komen. Als lidstaat van de IOM kan Nederland protesteren tegen de huidige gang van zaken en onze medici kunnen steun betuigen aan de Australische beroepsverenigingen die zich uitgesproken hebben tegen deze politiek van hun regering.

Belangenconflict: geen gemeld. Financiële ondersteuning: geen gemeld.

Literatuur
  1. Goffman E. Asylums. Harmondsworth: Penguin;1968.

  2. Hollingshead AB, Redlich FC. Social class and mentalillness. New York: Wiley; 1958.

  3. Silove DM, Steel Z, Watters C. Policies of deterrence andthe mental health of asylum seekers. JAMA 2000;284:604-11.

  4. Silove DM, Steel Z, Mollica RF. Detention of asylumseekers: assault on health, human rights, and social development. Lancet2001;357:1436-7.

  5. Steel Z, Silove DM. The mental health implications ofdetaining asylum seekers letter. Med J Aust2001;175:596-9.

  6. Sultan A, O’Sullivan K. Psychological disturbancesin asylum seekers held in long term detention: a participant-observeraccount. Med J Aust 2001;175:593-6.

Auteursinformatie

Contact Dr.J.M.M.Dormaar, psychiater, Worpstrjitte 2, 8633 KM Ysbrechtum (mdormaar@planet.nl)

Gerelateerde artikelen

Reacties

R.A.
van den Bent

De Cocksdorp, april 2003,

In zijn artikel beschrijft Dormaar de mensonterende omstandigheden waaronder asielzoekers die naar Australië gevlucht zijn komen te verkeren (2003:773-6). Een lezenswaardig artikel, dat echter een wrange smaak bij mij achterlaat. Mij bekruipt het gevoel dat wij hier als Nederlanders het vermanende vingertje opsteken naar de slechte gewoonten in het buitenland. En ik vind dat wij Nederlanders dat helemaal niet kunnen maken waar het om de behandeling van asielzoekers gaat.

Dormaar beschrijft psychiatrische stoornissen die (mede) veroorzaakt worden door de omstandigheden waaronder de asielzoekers komen te verkeren. Is dit in Nederland zoveel anders? De asielzoekers in ons land worden weliswaar niet in detentie geplaatst, maar komen wel in een opvangcentrum buiten de maatschappij. En dan begint het wachten, op een beoordeling en, als men niet onmiddellijk in ons land toegelaten wordt, op het eindeloos juridisch touwtrekken. Voor de asielzoeker betekent dit vooral veel wachten – jarenlang – in onzekerheid.

De recordhouders van het wachten bij mij in de praktijk zijn de leden van een asielzoekersgezin die nu al negen jaar aan het procederen zijn. ‘Ik word er gek van, dokter’. In meer medische termen: de man/vader van het gezin heeft een depressie en vertoont bij vlagen ontregeld (agressief) gedrag. Hij is onder behandeling van een psychiater en gebruikt antidepressiva. Opvallend is dat de psychiatrische problematiek dateert van de laatste anderhalf jaar en niets te maken heeft met de belevenissen in het land van herkomst.

Human Rights Watch kan hier natuurlijk niets van zeggen. Alles gaat volgens de wettelijke spelregels en de rechten van de asielzoekers worden geëerbiedigd. Toch is ook mijn patiënt net als de asielzoekers in Australië psychiatrisch patiënt door de manier waarop er met hem omgegaan wordt.

Waar Australië vrij openlijk een ontmoedigingsbeleid voert, doet Nederland op ogenschijnlijk humane wijze hetzelfde. Dus, zolang onze eigen asielzoekersprocedures net zo ziekmakend zijn, past het ons niet vermanend te schrijven over wat men elders doet.

R.A. van den Bent
J.M.M.
Dormaar

Ysbrechtum, april 2003,

Collega Van den Bent heeft gelijk. Ook aan het Nederlandse asielbeleid mankeert veel, met name de lange periode van onzekerheid over het bereiken van de vluchtelingenstatus. Desondanks is het deportatie- en detentiebeleid van Australië van een andere orde. Maar het is goed als artsen in Nederland frequenter de kwalijke kanten, waarbij het met name gaat om psychiatrische gevolgen, van ons zogenaamd humane asielbeleid aan de orde stellen.

J.M.M. Dormaar