Aantal te dikke kinderen neemt langzaam af*

Onderzoek
17-03-2014
Jeroen A. de Wilde, Paul H. Verkerk en Barend J.C. Middelkoop

Doel

Het bepalen van de trends in de prevalentie van overgewicht en obesitas bij kinderen met een Nederlandse, Turkse, Marokkaanse of Surinaams-Hindostaanse afkomst.

Opzet

Historisch cohortonderzoek.

Methode

We analyseerden 136.080 metingen van lengte en gewicht van 73.290 Haagse kinderen van 3-16 jaar oud, die waren geregistreerd in de periode 1999-2011. De BMI-klasse en BMI-standaarddeviatiescore (SDS) werden bepaald met de universele internationale criteria, waarbij ‘overgewicht’ was gedefinieerd als een volwassen BMI-equivalent ≥ 25 kg/m2, en ‘obesitas’ als een volwassen BMI-equivalent ≥ 30 kg/m2. Trends werden bepaald met logistische en lineaire regressieanalyses met respectievelijk gedichotomiseerde BMI-klasse en BMI-SDS als afhankelijke variabele en jaar van onderzoek als onafhankelijke variabele, waarbij gecorrigeerd werd voor geslacht, leeftijd en sociaal-economische status.

Resultaten

De prevalentie van overgewicht bij Nederlandse kinderen nam in de periode 1999-2011 statistisch significant af van 13 naar 11%, maar steeg bij Turkse kinderen van 25 naar 32%. Overgewicht bij kinderen van Marokkaanse of Surinaams-Hindostaanse afkomst bleef stabiel: in 2011 was de prevalentie respectievelijk 23 en 17%; de obesitasprevalentie nam in deze 2 groepen echter af. Bij Turkse kinderen toonden trendanalyses die waren beperkt tot de periode 2007-2011, geen significante veranderingen voor alle uitkomstmaten.

Conclusie

De afname van de obesitasprevalentie bij Nederlandse, Marokkaanse en Surinaams-Hindostaanse kinderen suggereert dat kinderen met overgewicht minder adipeus zijn geworden. De stabilisatie bij Turkse kinderen sinds 2007 geeft mogelijk aan dat het hoogste punt in de overgewichtprevalentie bij deze groep is bereikt.