Weer nieuwe richtlijnen voor reanimatie (2006): onderbouwing, kosten en mogelijke verwarring

Klinische praktijk
J.H.J.M. Meertens
W.E. Monteban-Kooistra
J.E. Tulleken
J.J.M. Ligtenberg
J.G. Zijlstra
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2007;151:1874-7
Abstract

Samenvatting

- Onlangs heeft de Nederlandse Reanimatie Raad (NRR) vernieuwde richtlijnen voor reanimatie gepresenteerd op grond van de richtlijnen van de Europese Reanimatieraad, die zijn gebaseerd op nieuwe aanbevelingen van de International Liaison Committee on Resuscitation (ILCOR). De vorige Nederlandse richtlijnen stammen uit 2002.

- De meeste veranderingen zijn gebaseerd op de resultaten van laboratoriumonderzoek en retrospectief onderzoek.

- De voornaamste veranderingen betreffen: het herkennen van circulatiestilstand aan de hand van niet-reageren en niet-normaal ademen, een andere verhouding tussen thoraxcompressies en beademingen, namelijk 30:2 in plaats van 15:2, en het volgen van het schema controle van de ademweg (A), overnemen van de circulatie (C) door thoraxcompressies, en beademen (B). Verder wordt bij ventrikelfibrilleren dan wel ventrikeltachycardie zonder pulsaties slechts eenmaal gedefibrilleerd, tegenover vroegere toepassing van cycli met 3 schokken.

- De implementatie van de veranderingen is kostbaar en arbeidsintensief, met name vanwege het grote aantal leken dat moet worden omgeschoold.

- Frequente aanpassingen van de richtlijnen leiden tot verwarring en kunnen een negatief effect hebben op de kwaliteit van de reanimatie. Het is daardoor onduidelijk of de extra kosten en moeite opwegen tegen de baten.

- Het zou goed zijn om de kosten en de resultaten van deze revisie prospectief te evalueren. Op grond daarvan kan men dan bepalen wanneer veranderingen in de internationale richtlijnen moeten worden doorgevoerd in de Nederlandse.

Ned Tijdschr Geneeskd. 2007;151:1874-7

Auteursinformatie

Universitair Medisch Centrum Groningen, afd. Intensive Care en Beademing, Postbus 30.001, 9700 RB Groningen.

Hr.J.H.J.M.Meertens, anesthesioloog-intensivist; mw.W.E.Monteban-Kooistra, hr.dr.J.E.Tulleken, hr.dr.J.J.M.Ligtenberg en hr.dr.J.G.Zijlstra, internisten-intensivisten.

Contact hr.J.H.J.M.Meertens (j.h.j.m.meertens@anest.umcg.nl)

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties