Vitamine D: wat moeten we er mee?

Opinie
Patrick J. E. Bindels
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2015;159:A8837
Abstract

In dit nummer van het NTvG worden 2 artikelen toegevoegd aan de toenemende stroom wetenschappelijke artikelen over vitamine D. Er is bijna geen medische aandoening meer te bedenken of een relatie met een lage vitamine D-concentratie is of wordt onderzocht. De resultaten zijn vooralsnog teleurstellend. Er is onvoldoende bewijs voor een positief effect van suppletie bij asymptomatische personen met een vitamine D-tekort op kanker, sterfte, diabetes mellitus, fractuurpreventie, psychosociaal en fysiek functioneren. Aldus concludeerde recent de US Preventive Services Task Force.1 Alleen bij een beperkte en selecte groep patiënten lijkt suppletie gerechtvaardigd.

De Gezondheidsraad adviseert in zijn rapport uit 2008 en 2012 echter anders. Naast specifieke hoogrisicogroepen, adviseert de commissie alle vrouwen vanaf 50 jaar en mannen en vrouwen vanaf 70 jaar suppletie van vitamine D ter preventie van fracturen en vermindering van de valkans. In het eerste artikel, van Sohl en van Schoor (A8171), wordt door een expertgroep…

Auteursinformatie

Erasmus MC, afd. Huisartsgeneeskunde, Rotterdam.

Prof.dr. P.J.E. Bindels, huisarts (p.bindels@erasmusmc.nl).

Contact (p.bindels@erasmusmc.nl)

Belangenverstrengeling

Belangenconflict en financiële ondersteuning: geen gemeld.

Auteur Belangenverstrengeling
Patrick J. E. Bindels ICMJE-formulier
Implementatie van het vitamine D-advies

Ook interessant

Reacties

A.C.M.
van Woensel

Wanneer er osteopenie of osteoporose wordt geconstateerd wordt er altijd tenminste calciumsuppletie en vit D suppletie voorgeschreven ( vaak ook een bisfosfonaat).

Voldoende calciuminname gecombineerd met een voldoende hoog vit D niveau is in de 30 (?) jaar daarvóór nog veel belangrijker om osteopenie en osteoporose te voorkomen.

Bij de patienten waarbij ik anamnestisch de calciuminname vaststel en via bloedonderzoek de vit D spiegel vind ik in 90 % van de gevallen in beide een deficientie. Onze patienten varieren van 20 tot 100 jaar, waarbij de meesten rond de 70 jaar zijn, en na kortdurende opname weer thuiswonend zullen worden. Wij nemen per jaar ongeveer 600 patienten op.

A van Woensel, specialist ouderengeneeskunde

Geachte collega van Woensel,

Hartelijk dank voor uw reactie op het artikel. Ik begrijp dat u bij 90% van de patienten waarbij uw een indicatie ziet voor een vitamine D bepaling, ook een deficientie vindt. Een indrukwekkend percentage. Ik ben het met u eens dat bij specifieke hoog risicogroepen vitamine D suppletie gestart moet worden op een jonge leeftijd. De Gezondheidsraad adviseert daarnaast suppletie van vitamine D voor alle personen van 70 jaar en ouder en voor bewoners van verpleeginstellingen. Het verminderen van het fractuurrisico en de valkans is de achtergrond van dit advies. Indien men dit advies wil volgen, heeft alleen een bepaling van het vitamine D geen toegevoegde waarde. Suppletie kan ook zonder die bepaling gestart worden.   

Geachte collega Bindels,

we kennen het advies van de Gezondheidsraad. In onze verpleeghuizen geeft men een wekelijkse suppletie van 5600 IE calciferol.

In onze zorghotels doen we aan kortdurende revalidatie op DBC basis. Veel daarvan hebben met fracturen te maken, veel met orthopedische heup- en knieprothesen. We krijgen verder zeer jonge multitraumapatienten, patienten uit het buitenland die daar iets gebroken hebben, en wintersporters met fracturen. Vaak gaat het niet om eenvoudige fracturen, maar gecompliceerde.
Wij controleren niet het vit D gehalte als wij vermoeden dat er een deficientie is. Wij controleren dat bij praktisch onze hele populatie, zoals al gemeld. En waar de gezondheidsraad dus adviseert boven de 50 of 70 jaar suppletie te nemen, valt het ons op dat het ook bij de jongere patienten die wij hebben een zeer forse deficientie bestaat. En dat zijn beslist niet alleen allochtonen.

Verder kan vit D suppletie wat ons betreft niet zonder aandacht voor de calciuminname, die anamnestisch wordt vastgesteld. Wat ik hoop is dat er zo jong mee begonnen wordt dat er geen osteoporose ontstaat. Zelfs al is dat ook nog van andere factoren afhankelijk.

ACM van Woensel,
specialist ouderengeneeskunde, Aafje thuiszorg, huizen, zorghotels