Decentralisatie en bezuiniging staan zorg op maat in de weg

Transformatie jeugdzorg is pas net begonnen

Daan Marselis
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2016;160:B1307

In 2015 ging de jeugdzorg op de schop, om zorg op maat dicht bij de cliënt mogelijk te maken. Er volgde anderhalf jaar vol decentralisaties en bezuinigingen. Het NTvG keek in de Gelderse gemeenten Voorst en Arnhem hoe de jeugdzorg er nu voor staat.

‘Het eerste dat mij te binnen schiet na de transitie van de afgelopen anderhalf jaar, is dat wij gelukkig nog altijd kunnen werken zoals we eerder altijd werkten. Dat klinkt misschien gek, omdat het woord “transitie” een verandering suggereert, maar zo is het.’ Aan het woord is Peter Roessingh, een jonge, apotheekhoudende huisarts uit de Gelderse gemeente Voorst. Zijn vrouw en collega Ingrid met wie hij samen de praktijk runt, is ook aangeschoven.

Zij: ‘We hebben nog nooit naar het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) verwezen, zoals de gemeente wil.’ Ze vreest voor de privacy van haar patiënten. ‘Want de verwijsbrief vol persoonlijke dingen, seksueel…

Auteursinformatie

Daan Marselis werkt als freelancejournalist in opdracht van de NTvG-redactie. Deze journalistieke productie kwam tot stand in samenwerking met Pieter van Eijsden (adjunct-hoofdredacteur), Marcel Metze (redactieadviseur) en Marcel Adriaanse (projectleiding).

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties

Michele
Haagmans

Met interesse maar ook verbazing lazen wij (jeugdartsen werkzaam in regio Arnhem) het artikel ‘Transformatie jeugdzorg is pas net begonnen’ (Ned Tijdschr Geneesk. 2016;160:B1307). Helaas wordt de jeugdarts in de samenwerking met huisartsen en wijkteams nergens genoemd terwijl wij juist in de 0-de lijn op het gebied van sociaal-medische problematiek bij jeugdigen deskundig zijn. In de wijkteams wordt de lichamelijke en geestelijke gezondheidssituatie van kinderen uitgevraagd, hierin kan de jeugdarts vanuit zijn longitudinale blik en sociaal medische kennis een mooie aanvulling zijn. De jeugdarts heeft de expertise om de medische problematiek te beoordelen en zo nodig te koppelen aan gedragsproblematiek. Daarnaast heeft de jeugdarts de beschikking over dossiergegevens vanaf de geboorte. De jeugdarts heeft ook contacten met school en kinderopvang voor een brede kijk op de problematiek in de diverse leefomgevingen.

Wat betreft het rechtstreeks verwijzen naar de GGZ: in het artikel wordt gezegd dat verwijzingen slechts door twee partijen gedaan kan worden, de huisarts en het CJG/wijkteam. Dit is onjuist, ook de jeugdarts en andere medische specialisten mogen rechtstreeks verwijzen naar GGZ-instellingen.

In de gemeente Arnhem is er veel energie gestoken in de samenwerking tussen jeugdarts, huisarts en wijkteams. Dit betreft ook de casuïstiekbespreking die in het artikel benoemd wordt waarbij de jeugdgezondheidszorg nauw betrokken is. Dit heeft geresulteerd in meer inzicht in wat de verschillende partijen voor elkaar kunnen betekenen bij de zorg voor de jeugdigen.

Nog een laatste punt over het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). Er worden diverse activiteiten toebedeeld aan het CJG. De JGZ heeft als één van haar kerntaken ‘monitoren, screenen en vaccineren’. Dit wordt in het artikel genoemd als kerntaak van het CJG. Dit kan een kerntaak van het CJG zijn omdat de JGZ een onderdeel hiervan kan zijn. De JGZ maakt echter niet in elke gemeente deel uit van het CJG, en niet in elke gemeente is een CJG. 

Graag nodigen we de NTVG-redactie uit om een keer in gesprek te gaan met enkele van onze jeugdartsen.

Michèle Haagmans en Safina Schetters-Mouwen, beiden jeugdarts KNMG bij GGD Gelderland- Midden