Rofecoxib versterkt de werking van opiaten na knieoperatie

Onderzoek
M.J.M.M. Giezeman
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2004;148:1006
Download PDF

Om de pijn na bijvoorbeeld knieoperaties te behandelen zijn NSAID's geschikt wegens hun vermogen de inflammatoire respons te verminderen. Nadelige effecten op bloedstolling, maag en nieren – en mogelijk ook de invloed op botgenezing – beperken het gebruik hiervan.1 De nieuwere cyclo-oxygenase-(COX)-2-remmers zouden door hun selectiviteit beter geschikt zijn als aanvulling op de perioperatieve pijnbestrijding.

In een gerandomiseerde dubbelblinde placebogecontroleerde studie onderzochten Buvanendran et al. of de selectieve COX-2-remmer rofecoxib een vermindering van opiaatgebruik en een verbetering van postoperatieve uitkomsten kon bewerkstelligen.2 Zij randomiseerden 70 patiënten in 2 groepen. De behandelgroep kreeg vanaf 1 dag preoperatief tot 2 weken erna rofecoxib toegediend. De controlegroep kreeg op dezelfde momenten een placebo. Alle patiënten kregen een gecombineerde spinale en epidurale analgesie met sedatie. Epidurale pijnbehandeling werd 36-42 uur postoperatief voortgezet en getitreerd naar een pijnscore van 2-4 op een 10-puntsschaal. Na het staken van de epidurale infusie kregen de patiënten hydrocodon (niet in Nederland geregistreerd) of propoxyfeen. Gekeken werd naar pijnscores, postoperatief totaal opiaatgebruik, misselijkheid, actief en passief bewegingsbereik (‘range of motion’; ROM), slaapstoornissen en patiënttevredenheid.

Beide groepen waren vergelijkbaar bij de start van de studie. De behandelgroep had een lagere opiaatbehoefte gedurende de ziekenhuisopname dan de placebogroep. Desondanks waren de pijnscores lager. Na 1 week was er geen verschil in opiaatgebruik. Een ROM van 90° werd in de rofecoxibgroep eerder bereikt. De incidentie van misselijkheid en overgeven was lager in de behandelgroep, hoewel het laatste niet statistisch significant. Patiënten met rofecoxib sliepen beter en waren tevredener over hun pijnbestrijding dan de controlegroep. Het per- en postoperatieve bloedverlies was gelijk in beide groepen.

De auteurs concluderen dat rofecoxib het opiaatgebruik vermindert en het postoperatieve functionele herstel bevordert. Zij verklaren dit met de blokkade van de ontstekingsreactie door het COX-antagonisme. Het verschil in bijwerkingen wordt verklaard door het verminderde opiaatgebruik en de afgenomen noodzaak tot het toedienen van extra epidurale medicatie.

De studie rechtvaardigt nog niet het gebruik van (duurdere) COX-2-remmers, omdat geen vergelijking is gemaakt met NSAID's. Evenmin wordt duidelijk of het preoperatief starten met rofecoxib bijdraagt tot de goede resultaten. Tenslotte vermelden de auteurs niets over de grote groep weigeraars (145 van de 254 includeerbare patiënten).

Het belang van deze studie is met name het gegeven dat multimodale postoperatieve analgesie effectiever blijkt te zijn dan unimodale analgesie. Daarnaast wordt wederom duidelijk dat adequate analgesie van belang is voor een goed postoperatief herstel.3

Literatuur
  1. Gajraj NM. The effect of cyclooxygenase-2 inhibitors onbone healing. Reg Anesth Pain Med 2003;28:456-65.

  2. Buvanendran A, Kroin JS, Tuman KJ, Lubenow TR, ElmoftyD, Moric M, et al. Effects of perioperative administration of a selectivecyclooxygenase 2 inhibitor on pain management and recovery of function afterknee replacement: a randomized controlled trial. JAMA2003;290:2411-8.

  3. Kehlet H, Dahl JB. Anaesthesia, surgery, and challengesin postoperative recovery. Lancet 2003;362:1921-8.

Gerelateerde artikelen

Reacties