Richtlijn 'Gedifferentieerd schildkliercarcinoom', inclusief de diagnostiek van de schildkliernodus
Open

Richtlijnen
12-08-2007
T.P. Links, D.A.K.C.J.M. Huysmans, J.W.A. Smit, L.J.M. de Heide, J.F. Hamming, J. Kievit, M. van Leeuwen, R. van Pel, J.M.H. de Klerk en Y. van der Wel

- Gedifferentieerd schildkliercarcinoom is een zeldzame aandoening. Adequate diagnostiek, behandeling en follow-up zijn complex en van groot belang voor het resultaat van de behandeling en de kwaliteit van leven van de patiënt.

- Patiënten met een gedifferentieerd schildkliercarcinoom presenteren zich in een groot aantal centra in Nederland, hetgeen de noodzaak van uniformiteit in handelen en behandelen onderstreept.

- Dit heeft de Nederlandse Vereniging voor Nucleaire Geneeskunde en de Nederlandse Vereniging voor Endocrinologie ertoe gebracht om een evidence-based richtlijn te ontwikkelen waarin, behalve voor de actuele wetenschappelijke aspecten, veel aandacht is voor de organisatie van de zorg.

- Bij de diagnostiek van een patiënt met een schildkliernodus staan de bepaling van thyreoïdstimulerend hormoon (TSH) en cytologisch onderzoek van een dunnenaaldaspiraat centraal.

- Bij alle patiënten die een totale thyreoïdectomie hebben ondergaan, wordt ablatie van resterend schildklierweefsel met radioactief jodium (I-131) geadviseerd.

- In de follow-upschema’s wordt onderscheid gemaakt tussen patiënten met een laag risico en patiënten met een niet-laag risico op een recidief van het schildkliercarcinoom.

Ned Tijdschr Geneeskd. 2007;151:1777-82