Groot remodellerend vermogen, terughoudend behandelen

Proximale humerusfracturen bij kinderen

Klinische praktijk
Boris A. de Cort
Kaj ten Duis
Geertje A.M. Govaert
Frank F.A. IJpma
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2021;165:D5420
Abstract

Rectificatie

Op dit artikel is de volgende verbetering gekomen:

In figuur 4 is per abuis een verkeerde röntgenfoto opgenomen. Daardoor klopt het onderschrift ook niet meer met de afgebeelde röntgenfoto’s.

De gecorrigeerde versie van figuur 4 staat hieronder.

Figuur 4
Remodellering van de proximale humerus na een fractuur bij een 13-jarige jongen
Figuur 4 | Remodellering van de proximale humerus na een fractuur bij een 13-jarige jongen
Röntgenfoto’s van de rechter schouder van patiënt B, (a) 10 dagen, (b) 10 weken en (c) 8 maanden na de humerusfractuur. De foto’s tonen goede consolidatie en remodellering van de proximale humerus.

Dames en Heren,

Proximale humerusfracturen bij kinderen kunnen meestal conservatief behandeld worden. Door het grote remodellerende vermogen en de goede genezingstendens van het nog groeiende skelet is operatieve behandeling van een standsafwijking zelden nodig. Dit verandert naarmate een kind ouder wordt. Voor coassistenten, arts-assistenten, fellows, huisartsen, SEH-artsen, chirurgen, revalidatieartsen en fysiotherapeuten is kennis van proximale humerusfracturen bij kinderen belangrijk om te bepalen welke mate van dislocatie geaccepteerd kan worden in relatie tot de leeftijd van het kind.

Proximale humerusfracturen bij kinderen komen niet vaak voor. Het betreft ongeveer 1,5-3% van alle fracturen bij kinderen.1-4 In deze klinische les presenteren wij 2 casussen waarin duidelijk wordt dat het vermogen tot remodelleren van proximale humerusfracturen bij kinderen, en daaraan gekoppeld de functionele uitkomst, zeer goed is. De casuïstiek illustreert dat het groeiende skelet in staat is om een grote mate van dislocatie of angulatie van de humeruskop spontaan te corrigeren.5 Dit is belangrijk omdat overbehandeling van patiënten met deze fracturen kan leiden tot onnodige operaties met risico’s op complicaties.

Patiënt A, een 12-jarig meisje, kwam naar de Spoedeisende Hulp met pijn in haar linker schouder na een val van een pony. Bij lichamelijk onderzoek bleek er sprake van een hematoom, drukpijn en bewegingsbeperking van de schouder. Er was geen neurovasculaire uitval. Röntgenonderzoek liet een gedisloceerde proximale humerusfractuur zien, type II volgens Salter en Harris. Een aanvullende…

Auteursinformatie

Universitair Medisch Centrum Groningen, afd. Traumachirurgie, Groningen: drs. B.A. de Cort, arts-assistent chirurgie; drs. K. ten Duis en dr. F.F.A. IJpma, traumachirurgen. Universitair Medisch Centrum Utrecht, afd. Traumachirurgie, Utrecht: dr. G.A.M. Govaert, traumachirurg.

Contact Boris A. de Cort (b.a.de.cort@umcg.nl)

Belangenverstrengeling

Belangenconflict en financiële ondersteuning: geen gemeld.

Verantwoording

De casus van patiënt B verscheen eerder in het Nederlands Tijdschrift voor Traumachirurgie.

Auteur Belangenverstrengeling
Boris A. de Cort ICMJE-formulier
Kaj ten Duis ICMJE-formulier
Geertje A.M. Govaert ICMJE-formulier
Frank F.A. IJpma ICMJE-formulier

Gerelateerde artikelen

Reacties