Protocol complementaire geneeswijzen binnen ggz

Protocol complementaire geneeswijzen binnen ggz
Femia Kievits
Citeer dit artikel als: Ned Tijdschr Geneeskd. 2010;154:C579

Door ggz Groningen, opererend onder de naam Lentis, werd in 2006 het Centrum Integrale Psychiatrie (CIP) opgericht waarin patiëntenzorg, onderzoek en opleiding gebundeld zijn. Binnen het CIP van Lentis worden, onder strikte voorwaarden, naast reguliere behandelingen ook complementaire en alternatieve geneeswijzen (CAG) aangeboden. In Tijdschrift voor Psychiatrie (2010;52:343-8) beschrijft CIP een protocol om tot verantwoorde toepassing van CAG binnen de ggz te komen.

Integrale psychiatrie is de psychiatrische variant van ‘integrative’ medicine, een internationale ontwikkeling in de reguliere gezondheidszorg waarbij ondermeer CAG en reguliere zorg gecombineerd worden. Een belangrijk uitgangspunt daarbij is een open en kritische houding ten opzichte van alle therapeutische toepassingen op basis van evidence-based medicine.

Om die reden wordt in het protocol onderscheid gemaakt tussen complementaire en alternatieve geneeskunde. De eerste zijn niet-reguliere behandelingen die wel een goede wetenschappelijke onderbouwing hebben, maar die om wat voor reden dan ook niet in het reguliere behandelaanbod geïntegreerd zijn. Alternatieve geneeswijzen als homeopathie, reiki en healing hebben te weinig wetenschappelijke onderbouwing en gebruiken andere verklaringsmodellen van ziekte en gezondheid.

Binnen CIP worden naast reguliere behandelingen alleen complementaire geneeswijzen toegepast die bewezen effectief zijn, waaronder: sint-janskruid voor depressie, relaxatie bij angst, ‘mindfulness-based’ terugvalpreventie bij depressie, massage bij stress, angst en depressie, sporten bij depressie, angst- en slaapstoornissen, hartcoherentie bij angst-, stress- en depressieve klachten, enkelvoudige vitamines en supplementen bij depressie, slaapstoornissen, paniek en dwangstoornis. Twee jaar geleden is CIP met deze behandelingen gestart naast de reguliere zorg. Wetenschappelijke onderzoek naar het effect maakte het mogelijk een beslisboom op te stellen voor behandeling met CAG.

Een patiënt die vraagt om een alternatieve behandeling waarvan binnen CIP geen bewijs van werkzaamheid is, zal deze niet via CIP verstrekt krijgen. Wel kan onder bepaalde voorwaarden worden doorverwezen naar een externe behandelaar.

Het protocol maakt het mogelijk aan zeer diverse patiënten uit de multiculturele samenleving op verantwoorde wijze CAG toe te passen binnen de reguliere gezondheidszorg. Tevens beschermt het de patiënt tegen misbruik, kwakzalverij en valse hoop.

Reacties