‘Nog steeds weinig kennis over foliumzuur’

Hans van Maanen
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2016;160:C2847

‘Ondanks campagnes over foliumzuur blijft de kennis over het supplement gering. De intentie van mannen en vrouwen om zorg voorafgaand aan de conceptie te vragen, is nog steeds onvoldoende. Structurele interventies om bewustzijn rond foliumzuurtoevoeging te vergroten en te handhaven zijn noodzakelijk, zeker onder hoogrisicogroepen.’

Deze conclusie trekken Rotterdamse onderzoekers onder leiding van Sevilay Temel in BMC Pregnancy and Childbirth (2015;15:340). Zij ondervroegen, in 2007, 2009 en 2010, steeds rond de 1200 inwoners van de stad over het gebruik van foliumzuur. Ook werden vragen gesteld over het voornemen een huisarts of vroedvrouw te raadplegen voorafgaand aan een zwangerschap.

Vrouwen, in de leeftijd van 25-44 jaar, Nederlands en met redelijk inkomen, wisten het meest, maar ook in deze categorieën gaf steeds amper de helft correcte antwoorden. Niet meer dan een kwart van de respondenten zei van plan te zijn preconceptieadvies in te winnen.

Wel zijn zowel de kennis over foliumzuur als het voornemen advies te vragen sinds 2007 toegenomen: respectievelijk van 31 naar 37% en van 16 naar 25%. Het kennistekort was het grootst onder immigranten met een laag opleidingsniveau; onder hoogopgeleiden maakte etniciteit geen verschil.

Eerder al was geconstateerd dat een landelijke campagne rond foliumzuur amper effect had gesorteerd. De onderzoekers pleiten daarom voor intensievere voorlichting op scholen en consultatiebureaus. En, besluiten zij, het betrekken van mannen in de preconceptiezorg en algemene gezondheidszorg kan ook kansrijk zijn.

Gerelateerde artikelen

Reacties