‘Niet meer moeheid na Q-koorts’
Open

Nieuws
07-12-2015
Hans van Maanen

Op dit nieuwsbericht is een reactie (klik hier) gekomen van de auteurs van het oorspronkelijke onderzoeksartikel.


Een besmetting met Q-koorts lijkt, anders dan vaak gesuggereerd, niet te leiden tot vermoeidheid en andere gezondheidsproblemen op de langere termijn. Zeven jaar na de uitbraak in het Brabantse Herpen voelen inwoners die seropositief zijn voor C. burnetti zich niet vermoeider dan hun seronegatieve dorpsgenoten of een vergelijkbare groep uit de algemene bevolking. Wel rapporteerden mensen die ten tijde van de uitbraak te horen hadden gekregen dat ze besmet waren, meer vermoeidheid dan dorpsgenoten die ongeweten besmet waren.

De studie, uitgevoerd door Gabriëlle Morroy van GGD Hart voor Brabant en collega’s (Epidemiol Infect. 2015; online 12 november), omvatte 1517 van de 2161 inwoners van Herpen (70%). Zij vulden een aantal vragenlijsten in en stonden bloed af, zoals ze eerder tijdens de uitbraak hadden gedaan.

Van de deelnemers was 34% seropositief – eerder al meldden de onderzoekers dat van de 147 mensen die rond 2007 positief waren, 25 (17%) negatief waren in 2014. Vermoeidheid werd gemeld door 38% (een steekproef in Nijmegen kwam op 31%), klinisch relevante vermoeidheid door 23% van de Herpenaren. In een regressie-analyse bleek serostatus geen risicofactor voor vermoeidheid te zijn, wel comorbiditeit, roken en leeftijd onder 50 jaar.

Van de seropositieve respondenten wie tijdens de uitbraak was verteld dat ze besmet waren, zei 63% matig of erg vermoeid te zijn. Onder seropositieven die toen niet verwittigd werden, lag dat percentage op 33. Verschillen in kwaliteit van leven werden verder niet gemeld.