Niertransplantaatoverleving en chirurgische complicaties bij kinderniertransplantaties; ervaringen in het Emma Kinderziekenhuis AMC

Onderzoek
N.C.M.G. van der Voort van Zyp
J.C. Davin
M. Idu
D.C. Aronson
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2005;149:584-8
Abstract

Samenvatting

Doel

Beschrijven van de chirurgische complicaties en de patiënt- en transplantaatoverleving bij kinderen na een niertransplantatie.

Opzet

Retrospectief.

Methode

Van de kinderen die in de periode 1985-2001 wegens terminale nierinsufficiëntie een niertransplantaat kregen in het Emma Kinderziekenhuis van het Academisch Medisch Centrum te Amsterdam werden de gegevens geanalyseerd; de arbitraire einddatum was 7 oktober 2002.

Resultaten

In de onderzoeksperiode werden 55 primaire niertransplantaties verricht bij 24 meisjes en 31 jongens. Bij 13 ging het om een transplantatie met een familiedonor en bij 42 om een met een postmortale donor. Alle transplantaties werden verricht via een extraperitoneale benadering. Tot 7 oktober 2002 kwamen er één of meer chirurgische complicaties voor bij 14 patiënten (25). De incidentie was als volgt: trombose bij 4 patiënten, urinelekkage bij 4, ureterstrictuur bij 6, ureternecrose bij 1, hematomen bij 5, en lymfocelen bij 3. In totaal verloren 6 (11) patiënten hun transplantaat wegens chirurgische complicaties; 4 wegens trombose, 1 wegens ureternecrose en 1 wegens bloeding of hematoom. Twee kinderen overleden binnen 1 jaar na de transplantatie aan hypertensieve complicaties van de nierziekte, respectievelijk hypertensieve encefalopathie en hersenbloeding. De transplantaatoverleving was voor familietransplantaties na 1 en na 5 jaar respectievelijk 83 en 74, voor postmortale niertransplantaties respectievelijk 78 en 68. De oorzaken van transplantaatfalen waren chronische rejectie (9/21; 43), acute rejectie (4/21; 19), trombose (4/21; 19) en chirurgische complicaties (2/21; 10). Primaire non-functie was de enige factor met een negatief voorspellende waarde voor transplantaatoverleving.

Ned Tijdschr Geneeskd 2005;149:584-8

Auteursinformatie

Academisch Medisch Centrum/Universiteit van Amsterdam, locatie Emma Kinderziekenhuis AMC, Meibergdreef 9, 1105 AZ Amsterdam.

Afd. Kinderchirurgie: mw.N.C.M.G.van der Voort van Zyp, co-assistent; hr.dr.D.C.Aronson, kinderchirurg.

Afd. Kindernefrologie: hr.dr.J.C.Davin, kindernefroloog.

Academisch Medisch Centrum/Universiteit van Amsterdam, afd. Heelkunde, Amsterdam.

Hr.dr.M.Idu, chirurg.

Contact hr.dr.D.C.Aronson

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties