Leeftijd, kinderwens en zwangerschapskans in Nederland
Open

Onderzoek
15-04-1995
F. van Balen, J.E.E. Verdurmen en E. Ketting

Doel.

Vaststellen van het verband tussen leeftijd van vrouwen en zwangerschapskans, en nagaan welke factoren van invloed zijn op de leeftijd waarop paren hun eerste kind wensen.

Methode.

Nationale enquête onder vrouwen in de leeftijd 25-49 jaar, met behulp van een aselecte adressenverzameling van 8050 huishoudens. Daarbinnen waren 3295 vrouwen van 25-49 jaar. Deze vrouwen beantwoordden een korte vragenlijst over vruchtbaarheidsproblemen en gezinsvorming. Eveneens werden sociaal-demografische gegevens verzameld.

Resultaten.

Er was weinig variatie in zwangerschapskans tussen het 20e en 28e levensjaar: de kans op zwangerschap binnen respectievelijk 6, 12 en 24 maanden was 65-70, bijna 90 en circa 93. De zwangerschapskans in 6 maanden daalde na het 33e jaar; de kans in 1 en 2 jaar daalde vanaf het 28e jaar naar respectievelijk 75 en 80 op het 35e jaar. Het geboortejaar van de vrouw (de factor ‘tijd’) was de belangrijkste factor die van invloed was op de leeftijd waarop paren hun eerste kind wensten. Bovendien hingen demografische factoren, met name een hoge opleiding, en daarnaast een hoog gekwalificeerd beroep en een hoog gezinsinkomen, samen met het wensen van het eerste kind op hogere leeftijd.