Klinische manifestaties bij het syndroom van Ehlers-Danlos type IV, het vasculaire type

Onderzoek
M.V. Huisman
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2000;144:1501-2
Download PDF

Het syndroom van Ehlers-Danlos type IV, ook wel het vasculaire type genoemd, is een zeldzaam voorkomende autosomale afwijking, die op klinisch niveau wordt gekenmerkt door de volgende 4 criteria: gemakkelijk optreden van hematomen, dunne huid met duidelijk zichtbare venen, typische gelaatstrekken en het optreden van ruptuur van arteriën, uterus of darmen. De diagnose kan worden bevestigd door de productie aan te tonen van abnormale procollageen-type-III-moleculen door fibroblasten van een patiënt of het aantonen van een mutatie in het gen dat codeert voor type-III-procollageen (COL3A1). Hypermobiliteit van de grote gewrichten en hyperextensibiliteit van de huid, kenmerkend voor de meer voorkomende vormen van Ehlers-Danlos-syndroom, is meestal afwezig bij type IV.

Doordat deze ziekte zeldzaam is, wordt de diagnose vaak na een complicatie of zelfs post mortem gesteld. Teneinde meer inzicht te verwerven in het klinisch beloop werden van 220 indexpatiënten en 199 van hun aangedane familieleden nauwgezet de ziektegeschiedenissen bestudeerd.1 Bij 131 indexpatiënten werd de onderliggende COL3A1-mutatie vastgesteld. Het bleek dat de overleving duidelijk was afgenomen, voornamelijk ten gevolge van vaatrupturen (103 van de 131 overleden patiënten hadden een arteriële vaatruptuur doorgemaakt). De leeftijd bij overlijden varieerde van 6 tot 73 jaar, met een mediane overleving tot het 48e jaar. Complicaties traden zeldzaam op in de kinderleeftijd; daarentegen had 25 van de indexpatiënten een medische of chirurgische complicatie op de leeftijd van 20 jaar doorgemaakt, terwijl dit bij meer dan 80 van de patiënten vóór het 40e jaar het geval was. Het maag-darmkanaal was bij 25 van de complicaties betrokken; meestal was het sigmoïd aangedaan. Indien chirurgisch werd ingegrepen, hetgeen op zich vaak weer gecompliceerd verliep door de fragiliteit van de weefsels, werd meestal een colostomie uitgevoerd.

Tenslotte leidden complicaties rond de partus tot het overlijden bij 12 van de 81 vrouwen (11,5) die zwangerschappen doormaakten: 5 vrouwen kregen een uterusruptuur tijdens de uitdrijving, 2 een vaatruptuur tijdens de baring en 5 een vaatruptuur in de post-partumperiode. Tenslotte bleek er in de gehele onderzochte groep geen relatie tussen de aanwezigheid van de specifieke mutaties in het COL3A1-gen en het type complicatie te bestaan.

De auteurs concluderen dat Ehlers-Danlos-syndroom leidt tot vroegtijdig overlijden, alhoewel de meeste aangedane patiënten een of meer grote complicaties kunnen overleven. Vooral bij jonge patiënten die een onverklaarde ruptuur van uterus, arterie of darm doormaken, moet aan de diagnose gedacht worden. Tenslotte is thans nog geen therapie voorhanden die het tijdstip van ontstaan van complicaties kan uitstellen of de complicaties zelf kan voorkomen. In het algemeen wordt aangeraden om patiënten met het type-IV-Ehlers-Danlos-syndroom onder controle te houden met echografie teneinde tijdig een aneurysma op het spoor te komen. Daarnaast moeten aangedane vrouwen worden voorgelicht over het risico op uterusruptuur tijdens de baring en op bloedingen als gevolg van vaatrupturen tijdens de uitdrijvingsfase.

Literatuur
  1. Pepin M, Schwarze U, Superti-Furga A, Byers PH. Clinicaland genetic features of Ehlers-Danlos syndrome type IV, the vascular type. NEngl J Med 2000;342:673-80.

Gerelateerde artikelen

Reacties