Resultaten van de EU-GEI-studie

Incidentie van psychose onder migranten in Nederland

Onderzoek
Fabian Termorshuizen
Els M.A. van der Ven
Eva Velthorst
Daniëlla S. van Dam
Bart P. Rutten
Jim van Os
Lieuwe de Haan
Jean-Paul Selten
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2021;165:D5585
Abstract

Samenvatting

Doel

Het vergelijken van de incidentie van een psychose onder migranten met de incidentie onder mensen met een Nederlandse achtergrond in Amsterdam en de regio Gouda en Voorhout.

Opzet

We hebben getracht om voor de Europese studie ‘European Network of National Schizophrenia Networks Studying Gene-Environment Interactions’ (EU-GEI) alle patiënten te includeren met een eerste psychose waar behandeling voor werd gezocht in bovengenoemde regio’s in de periode 2010-2013. Met informatie over de bevolkingsopbouw werden incidentiecijfers berekend.

Methode

‘Incidence rate’ ratio (IRR)’s van een psychose in verschillende herkomstgroepen in vergelijking met niet-migranten zijn geanalyseerd in een Poisson-model.

Resultaten

De gestandaardiseerde incidentie in Amsterdam bedroeg 55,3 per 100.000 persoonsjaren onder migranten en 24,9 per 100.000 persoonsjaren onder personen met een Nederlandse achtergrond. In Gouda en Voorhout waren deze cijfers respectievelijk 29,5 en 20,0 per 100.000 persoonsjaren. In Amsterdam werden opvallend verhoogde incidenties gevonden onder Marokkaanse mannen van de eerste (IRR: 4,07; 95%-BI: 1,76-9,42) en de tweede generatie (IRR: 6,48; 95%-BI: 3,30-12,68). In Gouda en Voorhout werden verhoogde incidenties gevonden onder zowel Marokkaanse mannen van de eerste generatie (IRR: 3,37; 95%-BI:1,17-9,74) als Marokkaanse vrouwen van de tweede generatie (IRR:7,10; 95%-BI: 2,79-18,06). Verder werden in Amsterdam verhoogde incidenties gevonden voor mannen uit Oost-Europa (IRR:4,52; 95%-BI: 2,24-9,11), migranten uit Sub-Saharaans Afrika (IRR:3,15; 95%-BI: 1,68-5,91) en eerstegeneratie-migranten, zowel mannen als vrouwen, uit Suriname en Nederlandse Antillen. Onder westerse migranten werden verlaagde incidentiecijfers gevonden.

Conclusie

Onder niet-westerse migranten – en in Amsterdam ook onder Oost-Europese migranten – werd een verhoogd risico op een psychose gevonden. De variatie naar regio van herkomst en bestemming, generatie en geslacht suggereert dat dit risico afhankelijk zou kunnen zijn van de sociale context.

Auteursinformatie

GGZ Rivierduinen, Leiden: dr. F. Termorshuizen, epidemioloog; prof.dr. J.P. Selten, psychiater. Vrije Universiteit, afd. Klinische, Neuro- en Ontwikkelingspsychologie, Amsterdam: dr. E.M.A. van der Ven, GZ-psycholoog. Icahn School of Medicine at Mount Sinai, dept. of Psychiatry and Seaver Autism Center for Research and Treatment, New York, Verenigde Staten: dr. E. Velthorst, psycholoog. GGZ Noord Holland Noord: dr. D.S. van Dam, GZ-psycholoog. Maastricht UMC+, School for Mental Health and Neuroscience, afd. Psychiatrie en Neuropsychologie, Maastricht: prof.dr. B.P. Rutten, psychiater. UMC Utrecht, afd. Psychiatrie, Utrecht: prof.dr. J. van Os, psychiater. Amsterdam UMC, locatie AMC, afd. Psychiatrie, Amsterdam: prof.dr. Lieuwe de Haan, psychiater.

Contact F. Termorshuizen (f.termorshuizen@rivierduinen.nl)

Belangenverstrengeling

Belangenconflict en financiële ondersteuning: geen gemeld.

Verantwoording

De volgende personen hebben bijgedragen aan de organisatie en de verzameling van gegevens in Nederland voor de ‘European Network of National Schizophrenia Networks Studying Gene-Environment Interactions’ (EU-GEI) studie: Andrea Landman, Bert Luteijn, Nathalie Franke, Elles Messchaart, en Floor van der Meer.

Auteur Belangenverstrengeling
Fabian Termorshuizen ICMJE-formulier
Els M.A. van der Ven ICMJE-formulier
Eva Velthorst ICMJE-formulier
Daniëlla S. van Dam ICMJE-formulier
Bart P. Rutten ICMJE-formulier
Jim van Os ICMJE-formulier
Lieuwe de Haan ICMJE-formulier
Jean-Paul Selten ICMJE-formulier

Gerelateerde artikelen

Reacties