Artikel
Bij het voorschrijven van antiparkinsonmedicatie moet men bedacht zijn op het optreden van gedragsstoornissen als gevolg van de therapie, bijvoorbeeld hyperseksualiteit. Het betreft een niet frequent voorkomende bijwerking van dopaminerge therapie. De volgende casus beschrijft een patiënt die tijdens levodopagebruik seksueel ontremd gedrag is gaan vertonen.
ziektegeschiedenis
Patiënt A, een 71-jarige alleenstaande man, was door de huisarts verwezen naar de multidisciplinair werkende geheugenpolikliniek met de vraagstelling: ‘Er zijn geheugenklachten en gedragsproblemen; is hier sprake van een dementiesyndroom?’ De voorgeschiedenis vermeldde dat patiënt sinds zijn 44e de ziekte van Parkinson had. Op 68-jarige leeftijd was hij opgenomen op de afdeling Neurologie…



(Geen onderwerp)
's-hertogenbosch, november 2002,
Van Deelen et al. beschrijven een casus van een 71-jarige patiënt met de ziekte van Parkinson met hyperseksualiteit tijdens het gebruik van levodopa (2002:2095-8). In het artikel wordt aandacht besteed aan deze bijwerking en het mechanisme dat hier mogelijk aan ten grondslag ligt. Uit de casusbeschrijving zou kunnen worden opgemaakt dat het verhoogde libido ontstond op 69-jarige leeftijd na start van de behandeling met pergolide, een dopaminerge receptoragonist. In dat geval zou het verhoogde libido ook kunnen worden toegeschreven aan het gebruik van pergolide, al dan niet in combinatie met levodopa.
Deze mogelijkheid wordt door diverse data ondersteund. Het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb ontving inmiddels 4 meldingen – alle betroffen mannelijke patiënten – over het optreden van libidoverhoging in samenhang met het gebruik van pergolide. Al deze patiënten gebruikten naast pergolide ook levodopa. De leeftijden varieerden van 55-73 jaar, de latentietijd is slechts van 1 patiënt bekend en bedroeg 5 weken. Van het aan pergolide structureel verwante bromocriptine is bekend dat het (al dan niet in combinatie met levodopa) een verhoging van het libido kan veroorzaken,1 2 enerzijds door het dopaminerge effect en anderzijds door suppressie van hyperprolactinemie. Tenslotte verscheen recent een artikel waarin het optreden van deze bijwerking ook toegeschreven werd aan het gebruik van pergolide.3 Bij 7 van de 32 patiënten bij wie pergolide toegevoegd werd aan de bestaande levodopamedicatie, werd melding gemaakt van het optreden van libidoverhoging. De symptomen traden 6 tot 12 weken na het begin van het gebruik van pergolide op.
Gezien deze informatie zijn wij geneigd om de rol van pergolide in de door Van Deelen et al. beschreven casus te benadrukken ten opzichte van de rol van levodopa, dat uiteraard op farmacologische gronden zeker een faciliterende rol zal spelen bij het optreden van deze bijwerking. Het is belangrijk patiënten erop te wijzen dat ook het gebruik van dopaminerge medicatie zoals pergolide een verhoogd libido kan veroorzaken. De patiëntenbelangenorganisatie heeft een folder over dit onderwerp uitgegeven, waarin overigens ook de dopamineagonisten als mogelijke oorzaak van libidoverhoging genoemd worden.4
Vogel HP, Schiffter R. Hypersexuality – a complication of dopaminergic therapy in Parkinson's disease. Pharmacopsychiatria 1983;16:107-10.
Bommer J, Ritz E, del Pozo E, Bommer G. Improved sexual function in male haemodialysis patients on bromocriptine. Lancet 1979; 2(8141):496-7.
Kanovsky P, Bares M, Pohanka M, Rektor I. Penile erections and hypersexuality induced by pergolide treatment in advanced, fluctuating Parkinson's disease. J Neurol 2002;249:112-4.
Parkinson en seksualiteit. Bunnik: Parkinson Patiënten Vereniging; 2002.