Geringe prevalentie van meticilline-resistente Staphylococcus aureus in Nederlandse verpleeghuizen, 1991/'92

Onderzoek
P.G.H. Peerbooms
H.M.E. Frénay
W.J. van Leeuwen
H.J.M. Cools
W.D.H. Hendriks
A. Leentvaar-Kuypers
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 1994;138:1568-70
Abstract

Samenvatting

Doel

Vaststellen van de prevalentie van dragerschap van meticilline-resistente Staphylococcus aureus (MRSA) onder bewoners van Nederlandse verpleeghuizen om te bepalen of ziekenhuisopname van een verpleeghuisbewoner een risicofactor vormt voor de verspreiding van MRSA in ziekenhuizen.

Opzet

Dwarsdoorsnede-onderzoek.

Plaats

Bewoners van verpleeghuizen in de regio's Amsterdam en Rotterdam, waar regelmatig MRSA werd aangetroffen in ziekenhuizen.

Methoden

Dragerschap van MRSA werd bepaald door middel van een neuskweek. Het onderzoek werd verricht in juni 1991-januari 1992. Op basis van een veronderstelde prevalentie van 0,5 en van de noodzaak van verder onderzoek bij een prevalentie van 1 bedroeg de berekende steekproefgrootte 2500. Elke 3e persoon in Amsterdam en elke 2e in Rotterdam werd uitgenodigd voor deelname aan het onderzoek. Onderzochte risicofactoren waren: verblijfsduur, aanwezigheid van (decubitus)wonden, catheter à demeure, urine-incontinentie, chronische luchtwegaandoeningen en (alleen in Amsterdam) antibioticumgebruik in de 4 weken voorafgaand aan het onderzoek.

Resultaten

Bij 3 van de 1973 onderzochte bewoners werd een MRSA aangetroffen, een prevalentie van 0,16 (95-betrouwbaarheidsinterval: 0,05-0,46, p < 0,05). Er was geen significant verband tussen dragerschap met S. aureus en een van de risicofactoren.

Conclusie

Vooralsnog hoeven verpleeghuisbewoners bij ziekenhuisopname niet als een risicogroep voor de verspreiding van MRSA te worden beschouwd. Inachtneming van hygiënische richtlijnen bij de verzorging van met MRSA gekoloniseerde bewoners is waarschijnlijk voldoende om verspreiding van MRSA in verpleeghuizen tegen te gaan.

Auteursinformatie

Gemeentelijke Geneeskundige & Gezondheidsdienst, Nieuwe Achtergracht 100, 1018 WT Amsterdam.

Streeklaboratorium: P.G.H.Peerbooms, microbioloog.

Afd. Infectieziekten: mw.A.Leentvaar-Kuypers, arts infectieziekten.

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne, laboratorium voor Bacteriologie en Antimicrobiële Middelen, Bilthoven.

H.M.E.Frénay, medisch microbioloog; W.J.van Leeuwen, microbioloog.

Rijksuniversiteit, vakgroep Huisartsgeneeskunde, Leiden.

Prof.dr.H.J.M.Cools, huisarts.

Centraal Bacteriologisch Laboratorium, Rotterdam.

W.D.H.Hendriks, medisch microbioloog.

Contact P.G.H.Peerbooms

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties