Fecestransplantatie: wanneer wel en wanneer niet?

Stand van zaken
25-10-2017
Yvette H. van Beurden, Elisabeth M. Terveer, Josbert J. Keller, Ed J. Kuijper, Chris J.J. Mulder en Christina M.J.E. Vandenbroucke-Grauls
  • Met een genezingrond de 85% is een recidiverende Clostridium difficile-infectie op dit moment de enige onbetwiste indicatie voor fecestransplantatie.
  • Fecestransplantatie leidt bij 24-30% van de patiënten met colitis ulcerosa tot klinische remissie en endoscopisch verbetering; na placebo is dit 5% (water) tot 20% (autologe feces). De focus ligt nu op het identificeren van ‘superdonoren’ en subgroepen van patiënten bij wie fecestransplantatie effectief is.
  • Bij patiënten met een metabool syndroom leidt fecestransplantatie mogelijk tot een toename van de insulinesensitiviteit. Gewicht, BMI en energieverbruik worden niet beïnvloed.
  • Naast de genoemde indicaties is fecestransplantatie een mogelijke behandeling voor patiënten met de ziekte van Crohn, het prikkelbaredarmsyndroom, graft-versus-host-ziekte of dragerschap van multiresistente organismen. Gerandomiseerd onderzoek waarin fecestransplantatie wordt vergeleken met placebo is nodig om de effectiviteit van fecestransplantatie bij deze patiëntengroepen te beoordelen.

3 gratis NTvG-artikelen lezen? Maak een online account aan!

Registreer: 3 gratis artikelen

Al een NTvG-account? Log in

Alle artikelen direct lezen?

Abonneer:  €21,00 per maand

  • wekelijks het tijdschrift in de bus
  • online toegang tot nieuws en alle artikelen
  • toegang tot alle geaccrediteerde nascholing