Effect van sint-janskruid valt tegen in goed onderzoek

Onderzoek
P.S.C. Tan-Paap
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2001;145:1907-8
Download PDF

Sint-janskruid (Hypericum perforatum) wordt al meer dan 2000 jaar gebruikt voor nerveuze aandoeningen en is, in tegenstelling tot veel andere gebruikte kruiden, veelvuldig bestudeerd.

Linde et al. publiceerden een meta-analyse van 23 gerandomiseerde onderzoeken.1 Vrijwel elk onderzoek vertoonde ernstige methodologische bezwaren. In de meta-analyse bleek sint-janskruid significant effectiever bij de behandeling van depressies dan placebo en was de effectiviteit ervan vergelijkbaar met die van standaardantidepressiva. Daarnaast bleek het veel veiliger. Vanwege de genoemde methodologische bezwaren in de meta-analyse en omdat het middel zo veelvuldig wordt gebruikt, achtten Shelton et al. het aangewezen om een zorgvuldig, grootschalig placebogecontroleerd onderzoek op te zetten, waarbij zij het antidepressieve effect, de veiligheid van en de tolerantie voor een standaardhoeveelheid sint-janskruid bepaalden, zowel bij ernstige als bij lichte depressies.2

Gedurende 8 weken werden 200 patiënten uit 11 academische centra in de Verenigde Staten dubbelblind gerandomiseerd en ontvingen ofwel tabletten sint-jansextract ofwel placebotabletten met dezelfde geur en smaak. Geïncludeerd werden fysiek gezonde mensen met een minstens 4 weken bestaande depressie zonder psychotische kenmerken met een score van minstens 20 op de ‘Hamilton rating scale for depression’ (HAM-D). Tevens werd een uitgebreid lichamelijk onderzoek gedaan, bij vrouwen aangevuld met een zwangerschapstest. Voorts werd mogelijke suïcidaliteit bepaald.

Het te bereiken antidepressieve effect werd, naast verschillende andere schalen, vooral gemeten met behulp van de HAM-D. In de sint-jansgroep werd wel sneller een antidepressief effect bereikt, maar er waren uiteindelijk geen significante verschillen in behandeleffect bij beide groepen. Ook bij lichte depressies werden geen significante verschillen gevonden in de HAM-D-scores van beide groepen. Wel bleek het aantal patiënten dat een remissie bereikte in de sint-jansgroep significant groter dan in de placebogroep (14,3 versus 4,9). Sint-janskruid bleek veilig, alleen hoofdpijn werd vaker in de sint-jansgroep gerapporteerd. De auteurs concluderen dan ook dat het kruid op basis van hun onderzoek geen plaats moet hebben in de behandeling van depressies. Zij raden verder onderzoek aan, ook bij andere onderzoekspopulaties.

Er bestaat een intrigerend verschil tussen de resultaten van het onderzoek van Shelton et al. en de genoemde meta-analyse. Zeer waarschijnlijk wordt dit verklaard door methodologische verschillen. Zet daarnaast de populariteit gedurende 2 millennia en een zeer veilig profiel, dan is replicatie van dit onderzoek gerechtvaardigd en zelfs gewenst. Aandacht voor met name angststoornissen is dan aangewezen, omdat daarbij in dit onderzoek wel enige effectiviteit gevonden is van sint-janskruid ten opzichte van placebo.

Literatuur
  1. Linde K, Ramirez G, Mulrow CD, Pauls A, Weldenhammer W,Melchart D. St. John's wort for depression: an overview andmeta-analysis of randomized clinical trials. BMJ 1996;313:253-8.

  2. Shelton RC, Keller MB, Gelenberg A, Dunner DL,Hirschfeld R, Thase ME, et al. Effectiveness of St John's wort in majordepression. A randomized controlled trial. JAMA2001;285:1978-86.

Gerelateerde artikelen

Reacties