Diagnose in beeld (339). Een vrouw met 'opspringende' benen

Wat is de diagnose?
F.R. Wink
T.L. Jansen
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2007;151:1927
Abstract

Casus

Een 75-jarige vrouw, bekend wegens een rustige reumafactorpositieve reumatoïde artritis (RA), werd door de reumatoloog met spoed op de polikliniek gezien wegens ‘elektrische schokken’ door armen en benen. De klachten waren 2 dagen eerder plotseling ontstaan, traden enkele malen per dag op en duurden soms anderhalf uur. Hierbij had patiënte soms ook ‘opspringende’ armen en benen (symptoom van Lhermitte), provoceerbaar door nekbewegingen. Zij had niet het gevoel dat haar vingers aan elkaar plakten, ervoer geen krachtsverlies en had geen mictie- of defecatieklachten. Anamnestisch was de sensibiliteit in het rijbroekgebied ongestoord. Bij onderzoek was de RA rustig. De neuroloog werd…

Auteursinformatie

Medisch Centrum Leeuwarden, afd. Reumatologie, Postbus 888, 8901 BR Leeuwarden.

Mw.F.R.Wink, assistent-geneeskundige; hr.dr.T.L.Jansen, reumatoloog.

Contact mw.F.R.Wink (freke.wink@znb.nl)

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties

Paterswolde, september 2007,

Collegae Wink en Jansen beschrijven een vrouw met een cervicale myelopathie ten gevolge van een anterolisthesis in de cervicale wervelkolom bij reumatoïde artritis; daarbij had patiënte soms ook ‘opspringende’ benen (2007:1927). Wat dat zijn, blijft onduidelijk, alhoewel ter verklaring het symptoom van Lhermitte wordt vermeld. Lhermitte beschreef zijn ‘teken’ als de sensatie dat bij vooroverbuigen van het hoofd zich elektrisch aanvoelende prikkelingen voordoen langs de wervelkolom – soms tot in de benen, soms ook in de armen. Dit is een gevolg van achterstrengprikkeling. De associatie met springerigheid – een beweging, mag ik aannemen – ontgaat mij, dus wat de patiënte nu voor symptomen had, blijft voor mij onduidelijk. Misschien noemde zij haar klacht zo, maar dat moet dan toch beter vermeld worden.

De pijnzin was verminderd in het huidgebied van de dermatomen T1 en T2; verder waren er in feite geen blijvende afwijkingen. Dit betekent dat de relatief diep gelegen tractus spinothalamicus eerder was aangedaan dan de oppervlakkige structuren, terwijl er toch externe beroering van het ruggenmerg moest zijn. Dat kan, maar opmerkelijk is het wel. Er volgde met spoed radiodiagnostiek; naar aanleiding van de foto kwam de neurochirurg in actie. Na de operatie waren de sensibele stoornissen en het symptoom van Lhermitte (was dat er echt?) afgenomen. Het bipiramidale syndroom persisteerde, zo schrijven de auteurs. Wat bedoelen zij met ‘het bipiramidale syndroom’? Uit de eerdere beschrijving bleek ondubbelzinnig dat er geen tekenen en verschijnselen waren van uitval van de piramidebaan (de 75-jarige patiënte had normale spierrekkingsreflexen aan de benen en haar voetzoolreflex was beiderzijds indifferent). Deze overigens mooie ‘diagnose in beeld’ schiet tekort als het gaat om de beschrijving van neurologische ziekteverschijnselen.

J.B.M. Kuks

Leeuwarden, december 2007,

Het teken van Lhermitte is soms een lastig begrip. Zowel de geconsulteerde neuroloog in ons ziekenhuis als de neurochirurg in het neurochirurgisch centrum heeft echter na observatie de klachten van patiënte benoemd als het teken van Lhermitte. Postoperatief waren deze klachten verdwenen.

De boodschap van ons artikel was dat de moeilijk interpreteerbare, niet direct herkende klachten van patiënte zomaar aan haar reuma werden toegeschreven. Wij zien nogal eens een neiging om onbegrepen klachten bij reumapatiënten toe te schrijven aan reuma; dat kan gevaarlijke situaties opleveren, zoals in de beschreven casus.

Wij danken collega Kuks voor de verdere aanscherping van het teken van Lhermitte.

T.L. Jansen
F.R. Wink