De dood en de popmusicus
Open

Stand van zaken
20-12-2011
Peter W. de Leeuw
  • Veel mensen zijn geneigd te geloven dat popmusici risico lopen op voortijde sterfte. Wetenschappelijk onderzoek hiernaar is schaars.

  • De enige epidemiologische studie over dit onderwerp laat zien dat de mortaliteit onder popsterren in de eerste 25 jaar nadat zij bekend werden, is toegenomen. Deze mortaliteit is hoger in Noord-Amerika dan in Europa, maar Europese popsterren overlijden gemiddeld jonger.

  • Het verhaal gaat dat veel popartiesten overlijden op hun 27e. Deze leeftijd wordt zelfs genoemd als de meest kritieke voor moderne musici. Gegevens van enkele honderden overleden popsterren geven echter geen aanwijzingen voor een toegenomen sterfte op hun 27e onder popartiesten. Bovendien suggereren de data dat hun leeftijd bij overlijden in de afgelopen 40 jaar is toegenomen.

  • Wat de doodsoorzaken betreft scoort een overdosis van drugs of alcohol hoog, naast cardiovasculaire aandoeningen en maligniteiten.

De dood als uiterste consequentie van het leven heeft veel kunstenaars geïnspireerd. Dat heeft bijvoorbeeld prachtige literatuur, muziek en film opgeleverd. Veel kustenaars zijn echter ook voortijdig door de dood getroffen. Enkele bekende voorbeelden uit de muziekgeschiedenis zijn Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791), Frédéric Chopin (1810-1849) en Vincenzo Salvatore Bellini (1801-1835), die allen vóór hun veertigste overleden. Hun doodsoorzaken, voor zover bekend, lijken niet sterk af te wijken van de voor hun tijd gebruikelijke aandoeningen. Uit het recentere verleden kan George Gershwin (1898-1937) genoemd worden, die naar verluidt bezweken is aan een hersentumor.

De vele musici die het werk van deze componisten hebben uitgevoerd leefden in het algemeen in de betrekkelijke luwte van het orkest en hun leven en sterven zijn dan ook veel minder bekend bij het grote publiek. Dat ligt anders bij de moderne popmusicus. Hij of zij is een veel meer op de voorgrond tredende figuur, niet in de laatste plaats omdat de muzikanten doorgaans in kleine eenheden (‘bands’) optreden. Daarnaast maken de moderne communicatiemedia het mogelijk het leven en dood van een popmuzikant zó uit te lichten, dat zelfs de kleinste details omtrent het verscheiden bij velen bekend worden. Omdat er nogal wat popartiesten voortijdig aan hun einde lijken te komen, zou men verwachten dat er wel enige studies zijn gewijd aan dit fenomeen. Dat blijkt in de praktijk echter tegen te vallen. Een zoektocht op PubMed levert slechts 1 wetenschappelijke publicatie op, uit 2007.1 Wel zijn er enkele boeken en websites waar men interessante informatie kan vinden.

Mortaliteit onder popmusici

Door het op jonge leeftijd overlijden van diverse popsterren, zoals Jimi Hendrix (1942-1970), Kurt Cobain (1967-1994) en meer recent Amy Winehouse (1983-2011), ontstaat al snel het beeld dat popmuzikanten in het algemeen minder lang leven dan de gemiddelde burger. Een ongezonde leefstijl en veel aandacht voor alcohol en drugs worden dan meestal als verklaringen aangevoerd. Toch is dit maar betrekkelijk, want uit gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek komt naar voren dat er in Nederland alleen al in het jaar 2010 in totaal 2088 mannen en vrouwen in de leeftijd van 15-40 jaar zijn overleden (bron: www.cbs.nl/nl-NL/menu/cijfers/default.htm). Het kleine aantal popartiesten dat in dezelfde periode is heengegaan steekt daar schril tegen af. Daar moet ik wel de kanttekening bij plaatsen dat we weten niet hoeveel van de overledenen zichzelf de status van popartiest hadden aangemeten zonder dat dit door de rest van de wereld was herkend.

Om een beter inzicht te krijgen in de sterfte onder popsterren in vergelijking met die in de algemene bevolking berekenden Mark Bellis en zijn medewerkers uit Liverpool de overleving van bekende muzikanten vanaf het moment waarop zij beroemd werden.1 Om aan hun informatie te komen, lieten de onderzoekers eerst een groep van 200.000 fans, experts en critici hun stem uitbrengen om, naar analogie van de Top 2000 van Radio 2, een ‘top 1000 aller tijden’ van muziekalbums samen te kunnen stellen. Uit de opiniepeiling kwamen in totaal 1285 artiesten naar voren, van wie een aantal afviel omdat van hen onvoldoende gegevens achterhaald konden worden. Uiteindelijk kwamen 1064 popartiesten voor de geplande analyse in aanmerking; 100 van hen waren inmiddels overleden. De sterftecijfers van deze musici, die zich vooral op het gebied van de rock-’n-roll hadden begeven, werden op een ingenieuze manier vergeleken met die van de algemene populaties van Noord-Amerika en Europa. Wat bleek? In de 3 tot 25 jaar na hun doorbraak leefden popsterren significant korter dan de voor demografische kenmerken gematchte controles. De mortaliteit lag een factor 2 tot 3 hoger bij de musici, waarbij opviel dat de Noord-Amerikanen gemiddeld nog slechter af waren dan hun Europese collega’s. Bovendien gold voor Europese sterren die al 25 jaar of meer van hun roem genoten, dat hun overleving weer wat meer die van het populatiegemiddelde benaderde, terwijl de Amerikaanse versneld bleven doodgaan (figuur 1). Het is niet duidelijk of dergelijke trends ook op andere continenten bestaan; er zijn voor die regio’s minder makkelijk goede vergelijkingscijfers te bemachtigen.

Een belangrijke bron van informatie vormt de bijbel van dode popmuzikanten, het boek ‘Number one in heaven’ van Jeremy Simmonds.2 Dit boek geeft een vrij gedetailleerd overzicht van ruim 900 beroemde en minder beroemde personen uit de wereld van de moderne muziek die overleden zijn tussen 1965 en 2005. Deze database kan zonder meer beschouwd worden als het meest complete werk op dit gebied. Een analyse van de informatie in dit boek leert dat het aantal popdoden per jaar tussen 1965 en nu met een factor 6 is toegenomen. Helaas zegt dat op zich nog niet zoveel, want we weten niet om welk percentage van de artiesten het gaat. Zeker is wel dat in dezelfde periode in Nederland de totale sterfte maar met een factor 1,3 is gestegen (bron: CBS).

Leeftijd bij overlijden

De dood van Amy Winehouse, eerder dit jaar, op 27-jarige leeftijd was aanleiding tot diverse artikelen over 27 als een kritieke leeftijd in een mensenleven en in het bijzonder dat van de popster. Zo schreef Rolinde Hoorntje in NRC Handelsblad van 26 juli 2011 over de ‘club van 27, het illustere genootschap van rocksterren die op 27-jarige leeftijd het leven lieten’.3 Inderdaad overleden de eerder genoemde Hendrix, Cobain en Winehouse en nog een aantal andere popmusici toen ze 27 jaar oud waren. In 2008 verscheen zelfs een boek over dit fenomeen: The 27s: The greatest myth of rock&roll.4

Toch is het de vraag of deze mythische fascinatie voor het overlijden op 27-jarige leeftijd wel helemaal terecht is. Bij nadere beschouwing blijkt dit waarschijnlijk helemaal geen unieke voorkeursleeftijd voor overlijden te zijn. De gegevens van Bellis laten immers zien dat de sterfte van Amerikaanse rocksterren piekt op 41-jarige leeftijd en die van de Europese op 35 jaar.1 Gezien de manier waarop Bellis en medewerkers aan hun informatie kwamen, valt echter niet geheel uit te sluiten dat er in deze leeftijden enige bias verscholen zit.

Het is daarom interessant om ook een kijkje te nemen op de website die een lijst bevat van 320 rocksterren die in de periode 1954-2001 zijn overleden (www.av1611.org/rockdead.html). De gemiddelde leeftijd bij overlijden van deze lieden was 37 jaar, waar de gemiddelde Amerikaan in dezelfde periode een leeftijd van 75 jaar bereikte. Wanneer men een frequentieverdeling maakt van de leeftijden waarop deze sterren hun laatste adem uitbliezen, wijst de d’agostino-pearson-toets uit dat deze verdeling zeker niet gaussisch is. Weliswaar is er een piek in de sterfte waar te nemen op de leeftijd van 27 jaar, maar eenzelfde piek doet zich voor bij enkele andere leeftijden (figuur 2a).

Hoewel het aantal dode popsterren in deze analyse groter is dan die in de studie van Bellis et al. uit Liverpool, kan ook hier bij de selectie enige bias zijn opgetreden, die wellicht religieus getint is. Onder verwijzing naar Spreuken 10:27 (‘De vreze des HEEREN vermeerdert de dagen; maar de jaren der goddelozen worden verkort’) proberen de samenstellers van de website ons namelijk duidelijk te maken dat het zondige leven van een rockster tot een snelle dood leidt. Je kunt je daarbij wel afvragen waarom je, als je goed leeft, twee maal zo lang moet wachten op de verlossing uit het aardse tranendal. Als tenslotte met behulp van de gegevens uit het boek van Simmonds de sterfteleeftijd wordt uitgezet tegen het jaar van overlijden, valt zelfs op dat de popartiesten steeds ouder worden en dat het aandeel van degenen die op 27-jarige leeftijd de wereld verlaten, betrekkelijk bescheiden is (zie figuur 2b).

Doodsoorzaken van popmusici

Als het risico om voortijdig te overlijden voor popartiesten zo veel groter is dan voor de algemene bevolking, is het alleszins de moeite waard om te bezien of er doodsoorzaken zijn die met een preventieve behandeling voorkomen hadden kunnen worden. Ook hier geeft het onderzoek van Bellis enige richting. Verreweg de belangrijkste doodsoorzaak onder Europese musici (n = 28) blijkt een overdosis van drugs en alcohol te zijn (29%). De Amerikanen (n = 72) daarentegen scoren hoog op maligniteiten (19%) en cardiovasculaire aandoeningen (18%). Een overdosis komt bij hen op de derde plaats (15%). Met ongeveer 3% zijn zelfmoorden onder popmusici aan de beide zijden van de Atlantische oceaan nagenoeg even frequent. Dood door een geweldsdelict komt iets vaker voor in Noord-Amerika (7 versus 4%) maar het verschil is niet statistisch significant. Daarnaast overlijden tamelijk veel popartiesten door ongelukken (21% in Europa en 14% in Noord Amerika).

Deze in kleine groepen verkregen getallen wijken enigszins af van die welke op de website www.av1611.org/rockdead.html te vinden zijn. Daar vormen namelijk ongelukken met ruim 20% de belangrijkste doodsoorzaak, gevolgd door cardiovasculaire aandoeningen (hartinfarct en beroerte) die samen 14% uitmaken. Daarna volgen de overdosis (12%), suïcide (11%) en maligniteiten (10%). Soortgelijke verhoudingen komen ook naar voren in het boek van Simmonds.2 In de diverse statistieken vindt men echter eveneens zeer regelmatig zogenaamde ‘medische doodsoorzaken’, waaronder dan vooral levercirrose en infecties (onder andere aids) worden verstaan. Het zal duidelijk zijn dat een deel hiervan zeker is terug te voeren op overmatig gebruik van bepaalde genotmiddelen.

Conclusie

De sterfte onder degenen die zich op het pad van de moderne muziek begeven, ligt hoger dan die bij de algemene bevolking en het is inderdaad opvallend op wat voor een jonge leeftijd de meesten geveld worden. Hoewel zelfmoord en een overdosis drugs vaak worden aangevoerd als doodsoorzaken, zijn dit statistisch gezien toch niet de belangrijkste. Ook het idee dat de muzikanten met enige voorkeur op 27-jarige leeftijd het leven zouden laten lijkt niet juist te zijn. De leeftijd van overlijden schuift zelfs iets op, mogelijk omdat het overmatige gebruik van alcohol en drugs toch iets aan het verminderen is. Het recente proces tegen de arts van Michael Jackson maakt echter duidelijk dat het inzetten van dokters bij de begeleiding van popartiesten niet altijd de oplossing is.

Leerpunten

  • Popsterren sterven gemiddeld op een jongere leeftijd dan hun generatiegenoten uit de algemene bevolking.

  • De mortaliteit onder popsterren ligt een factor 2 tot 3 hoger dan die in de algemene populatie.

  • Er is geen specifieke voorkeursleeftijd waarop popsterren het leven laten.

  • Overdosering van drank en drugs vormt de hoofdmoot van doodsoorzaken onder rocksterren. Cardiovasculaire aandoeningen en maligniteiten zijn echter ook zeer prevalent.

Literatuur

  1. Bellis MA, Hennell T, Lushey C, Hughes K, Tocque KAshton JR. Elvis to Eminem: quantifying the price of fame through early mortality of European and North American rock and pop stars. J Epidemiol Community Health. 2007;61:896-901.

  2. Simmonds J. Number one in heaven. The heroes who died for Rock ‘n’ Roll. London: Penguin Books Ltd; 2006.

  3. Hoorntje, R. 27 is een kritiek jaar, niet alleen voor sterren. NRC Handelsblad, 26 juli 2011.

  4. Segalstad E, Hunter J. The 27s: The greatest myth of rock&roll. Berkeley Lake: Samadhi Creations, 2008.