Artikel
COPD is, na diabetes mellitus en coronaire hartziekte, de derde meest frequente chronische ziekte in Nederland, met circa 600.000 patiënten; dit aantal zal de komende jaren verder stijgen.1 Veel dokters krijgen er dus mee te maken. In dit leerartikel beantwoorden we 10 vragen over COPD die gesteld zijn door…




reactie auteurs
Hartelijk dank voor uw interessante vraag. Er zijn niet heel veel (klinische) kenmerken die ondersteunend voor het voorschrijven van zuurstoftherapie. Het belangrijkste kenmerk om in acht te nemen is de aanwezigheid van rechtsbelasting (rechtszijdig decompensatio cordis, rechter atriumoverbelasting op het ECG of aanwezigheid van pulmonale hypertensie). De consequentie van rechtsbelasting is dat zuurstoftherapie al bij een minder ernstige hypoxemie (arteriele zuurstofspanning 8.0 kPa) wordt voorgeschreven.
Veel patiënten associëren (begrijpelijkerwijs) kortademigheid met een zuurstoftekort. Het aanvullen van het zuurstofgehalte is daarvoor een logische oplossing. Echter, bij COPD spelen vaak ook andere factoren een rol. Een belangrijke factor is bijvoorbeeld hyperinflatie, leidend tot een afname van de vitale capaciteit in rust en nog meer bij inspanning. Hiervoor helpen langwerkende luchtwegverwijders en ademhalingstechnieken via de fysiotherapeut beter dan zuurstoftherapie. Uitleg dat niet alle kortademigheid samenhangt met een zuurstoftekort kan helpen om patiënten te laten begrijpen waarom ze geen zuurstof voorgeschreven krijgen.
namens de aurteurs,
Marlies van Dijk, longarts, UMC Groningen