Angiotensine-neprilysine-remmer verbetert prognose bij hartfalen

Onderzoek
Frans H. Rutten
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2014;158:A8359
Download PDF

Waarom dit onderzoek?

Voor patiënten met hartfalen en een linker-ventrikelejectiefractie < 40% vormen ACE-remmers (en als de patiënt deze niet verdraagt, angiotensine II-blokkers), bètablokkers en mineralocorticoïdreceptorantagonisten momenteel de evidencebased medicamenteuze cocktail. Deze wordt veelal gecombineerd met diuretica. Neprilysine breekt natriuretische peptides af en daarom zou remming van dit enzym de prognose van patiënten met hartfalen kunnen verbeteren. In eerder onderzoek leidde deze remming in combinatie met een ACE-remmer echter vaak tot angio-oedeem.

Onderzoeksvraag

Verbetert de remming van zowel neprilysine als angiotensine II de prognose van patiënten met hartfalen met gereduceerde ejectiefractie meer dan wanneer alleen ACE-remming wordt toegepast?

Hoe werd dit onderzocht?

In een dubbelblinde RCT bij 8442 patiënten met hartfalen met gereduceerde ejectiefractie kregen 4187 patiënten LCZ696 (een combinatie van de neprilysineremmer sacubitril met valsartan 160 mg) en 4212 deelnemers enalapril 20 mg. De overige medicatie voor hartfalen, inclusief het gebruik van bètablokkers (93%) en mineralocorticoïdreceptorantagonisten (55,5%), was voor beide groepen nagenoeg gelijk en werd gecontinueerd. De primaire, samengestelde uitkomstmaat was overlijden door een cardiovasculaire oorzaak of de eerste ziekenhuisopname voor hartfalen.

Belangrijkste resultaten

Na een mediane follow-upduur van 27 maanden werd het onderzoek voortijdig gestopt. De primaire uitkomstmaat werd bereikt door 21,8% in de LCZ696-groep en 26,5% in de enalapril-groep (hazardratio (HR): 0,80; 95%-BI: 0,73-0,87). De totale mortaliteit was ook lager bij patiënten met LCZ696 dan bij patiënten met enalapril: 17,0 versus 19,8% (HR: 0,84; 95%-BI: 0,76-0,93). Daarnaast waren het aantal ziekenhuisopnames voor hartfalen, de klachten en de fysieke beperkingen significant lager voor de LCZ696-groep dan voor de enalapril-groep. Het gevreesde angio-oedeem kwam in beide onderzoeksarmen weinig voor (0,45 vs. 0,24%).

Consequenties voor de praktijk

De gecombineerde remming van neprilysine en angiotensine II met LCZ696 kan de ACE-remmer verstoten als behandeling van eerste keus voor patiënten met hartfalen en een ejectiefractie < 40%. De gebruikte dosering enalapril was echter aan de lage kant; de richtlijnen adviseren 10-20 mg 2 dd.

Literatuur
  1. McMurray JJV, Packer M, Desai AS, Gong J, Lefkowitz MP, et al.; PARADIGM-HF Investigators and Committees. Angiotensin-neprilysin inhibition versus enalapril in heart failure. N Engl J Med. 2014;371:993-1004. Medline

Auteursinformatie

Contact (F.H.Rutten@umcutrecht.nl)

Gerelateerde artikelen

Reacties