Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid foliumzuur onvoldoende voor optimale homocysteïnespiegels
Open

Onderzoek
08-04-1998
D.A.J. Brouwer, H.T.M.E. Welten, J.J. van Doormaal, D.-J. Reijngoud en F.A.J. Muskiet

Doel.

Bepalen van het effect van een kortdurende suppletie van vitamine B6 (pyridoxine) en aansluitend foliumzuur bij gezonde personen op de nuchtere plasmaconcentratie van homocysteïne (hyperhomocysteïnemie is een onafhankelijke risicofactor voor premature atherosclerose).

Opzet.

Prospectief, beschrijvend.

Plaats.

Academisch Ziekenhuis, Groningen.

Methoden.

Gezonde Nederlanders van 20-75 jaar kregen vitamine B6 1 mg/kg/dag gedurende 7 dagen en aansluitend foliumzuur 5 mg per dag gedurende nog eens 7 dagen. Op dag 0, 7 en 14 werden onder andere de concentraties in het bloed bepaald van homocysteïne. Een verandering in de plasmahomocysteïneconcentratie van een individu werd statistisch significant geacht, indien de procentuele verandering groter was dan 2,8 maal de som van de analytische en de intra-individuele biologische variatie.

Resultaten.

Er waren 103 deelnemers, 45 mannen en 58 vrouwen, met een gemiddelde leeftijd van 43 en 44 jaar (op dag 7 waren er gegevens beschikbaar van 101 deelnemers). Bij de aanvang van het onderzoek lagen de foliumzuurconcentraties van alle deelnemers boven de ondergrens van het referentiegebied. De vitamine-B6- en vitamine-B12-concentraties waren verlaagd bij respectievelijk 8 en 2 van hen. De plasmahomocysteïneconcentratie had een omgekeerd verband met de plasmaspiegels van foliumzuur en vitamine B12. Tijdens de vitamine-B6-suppletie veranderde de gemiddelde plasmaconcentratie homocysteïne niet en vertoonde 1 deelnemer een statistisch significante plasmahomocysteïnedaling. Tijdens foliumzuursuppletie daalde de gemiddelde plasmaconcentratie voor homocysteïne van 11,7 μmol/l (SD: 5,6) naar 9,1 (SD: 3,4) (p < 0,0001) en vertoonden 40 deelnemers (40) een statistisch significante plasmahomocysteïnedaling. Aan het eind van het onderzoek hing de plasmahomocysteïneconcentratie nog steeds samen met de plasmavitamine-B12-concentratie.

Conclusie.

De foliumzuurconcentratie van de deelnemers bij aanvang van het onderzoek ging niet gepaard met de laagst mogelijke plasmahomocysteïnespiegels. Vanwege het wellicht voortdurend groter wordende atheroscleroserisico bij een toename van de plasmahomocysteïneconcentratie is het mogelijk verstandig om deze zo laag mogelijk te houden. Hiertoe zou de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid van foliumzuur dienen te worden verhoogd.