Tromboflebitis van het been
Open

diagnostiek en behandeling door de huisarts
Stand van zaken
11-01-2010
Sanne H. Timmermans, Nick Wlazlo, Emile M.A. Mom en H.E.J.H. (Jelle) Stoffers
  • Wij deden literatuuronderzoek naar het verband tussen tromboflebitis en veneuze trombo-embolie en naar de evidence voor de behandeling van tromboflebitis met laagmoleculaire heparines (LMWH).

  • Er zijn aanwijzingen voor een verband tussen tromboflebitis en veneuze trombo-embolie; dit verband is sterker voor een proximale dan een distale tromboflebitis.

  • In de huisartspraktijk is het absolute risico op veneuze trombo-embolie bij of na tromboflebitis laag, circa 3%.

  • Er zijn aanwijzingen dat behandeling met een LMWH het beloop van een tromboflebitis gunstig beïnvloedt; NSAID’s hebben vergelijkbare effecten.

  • Er zijn indirecte aanwijzingen dat een LMWH een veneuze trombo-embolie mogelijk kan voorkómen als het langer dan 4 weken wordt toegepast.

  • Wij adviseren bij proximale tromboflebitis een echografie te laten verrichten en bij bevestiging van de diagnose te behandelen met LMWH; in andere gevallen kunnen NSAID’s overwogen worden.