Artikel
Een sporter die tijdens het hardlopen abrupt moet stoppen door pijnlijke spiersamentrekkingen. Een oudere patiënt die in meerdere spiergroepen spierpijn heeft en zich afvraagt of dit een bijwerking van de medicatie is. Een adolescent die in de nacht hevige spierkrampen in de kuit heeft. Spierkrampen en spierpijn komen frequent voor…



labdiagnostiek bij spierkrampen
Beste auteurs,
Ik schrik van de voorgestelde laboratoriumanalyses (BSE, CRP, CK, TSH met eventueel T3/T4, PTH, calcium, albumine, natrium, kalium, magnesium, ALAT, ASAT, nierfunctie, glucose en vitamine B1, B12 en D met op indicatie vitamine B3, selenium en virusantistoffen).
Ik ondersteun de analyse van algemeen onderzoek cf NHG (BSE, CRP, TSH, glucose, lever en nierfunctie). Echter de uitgebreidheid van dit pakket met exotische analyses (T3, PTH, calcium, albumine, natrium, kalium, magnesium, B1, B3, selenium) zonder gerichte indicatie, vraagt om foutief afwijkende uitslagen met mogelijk onterechte vervolgdiagnostiek.
Zoals eerder in het artikel genoemd wordt, is de lichamelijke anamnese zeer belangrijk en bij alarmsymptomen kan verwezen worden naar de tweede lijn.
NB. alleen de antistoffen worden uit serum geanalyseerd ;-)
Koch et al. Br J Gen Pract 2009; DOI: 10.3399/bjgp09X420310
Koch et al. Huisarts Wet 2009;52(10):478-82.
Reactie auteurs
Wij danken collega Curvers voor haar reactie en sluiten ons aan bij haar uitgangspunt: bloedonderzoek bij spierkrampen en spierpijn moet zeer gericht worden aangevraagd, om zinloos vervolgonderzoek door toevallig afwijkende uitslagen te voorkomen.
De opsomming in ons artikel is bedoeld als overzicht van bepalingen die kunnen worden overwogen bij het evalueren van een specifieke onderliggende oorzaak van de spierkrampen, en niet als vast pakket voor routinematige aanvragen. Om deze reden benadrukken we in de tekst dat laboratoriumonderzoek niet noodzakelijk is bij een sterke verdenking op fysiologische of idiopathische krampen ("Laboratoriumonderzoek is niet per se nodig wanneer er op basis van de anamnese een sterke verdenking op fysiologische of idiopathische krampen bestaat."). Echter doordat alle bepalingen in het stuk in één zin geformuleerd staan, wordt mogelijk de indruk van een routinematig onderzoek gewekt. Dat hadden wij duidelijker kunnen formuleren.
Bij verdenking op een organische oorzaak is de door collega Curvers genoemde basisset (BSE, CRP, TSH, glucose, lever- en nierfunctie) ook voor ons het vertrekpunt, aangevuld met CK, die bij spierklachten specifiek van belang is. Verdere bepalingen volgen op een gerichte vraag: calcium, met albumine en zo nodig PTH, bij aanwijzingen voor hypocalciëmie, zoals een positief teken van Trousseau of Chvostek, en selenium alleen bij verdenking op een ernstig tekort, bijvoorbeeld door ernstige malabsorptie of vergevorderde chronische leverziekte. Voor natrium, kalium, magnesium en vitaminen geldt hetzelfde: zij horen bij een gerichte vraag en niet bij routine. Ook voor CK bestaat het risico van een afwijkende uitslag zonder betekenis: lichte inspanning kan de waarde al verhogen. Is dat een waarschijnlijke verklaring, dan kan worden overwogen de bepaling na enkele dagen te herhalen voordat verder onderzoek volgt.
Tot slot dank voor de opmerking over serum. Veel van deze bepalingen worden in plasma of volbloed verricht, dus ‘laboratoriumbepalingen’ is een betere term. Dit is inmiddels aangepast in de online versie van het artikel.