Screening op dementie bij eerstegeneratiemigranten

Klinische praktijk
Irene E. van de Vorst
J.P.C.M. (Jos) van Campen
Eric P. Moll van Charante
B.A. (Ben) Schmand
Miriam Goudsmit
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2021;165:D5425
Abstract

Dames en Heren,

De komende jaren zal het aantal oudere eerstegeneratiemigranten sterk toenemen. Bij deze ouderen is het lastig om de diagnose ‘dementie’ te stellen. Een van de redenen hiervoor is dat gangbare screeningsinstrumenten om cognitieve stoornissen vast te stellen, niet altijd bruikbaar zijn. In dit artikel bespreken wij geschikte instrumenten om het vermoeden van dementie bij deze ouderen te staven.

Leermateriaal bij dit artikel

Bij dit artikel hoort extra leermateriaal waardoor u meer inzicht krijgt in het onderwerp. Deze informatie kunt u ook gebruiken bij het geven van bijvoorbeeld colleges.

Maak de toets
Overzicht van te behalen accreditatiepunten
Specialisme Punt(en)
Accreditatie (artsen) buiten eigen vakgebied 1
Huisarts 1
Internist 1
Specialist ouderengeneeskunde (Verenso) 1

Patiënt A, een 81-jarige man van Turkse afkomst, wordt door de huisarts naar de geriater verwezen met de vraag of er sprake is van een cognitieve stoornis. Wij nemen de anamnese af met hulp van een tolk. Hieruit blijkt dat patiënt zelf geen klachten heeft. De echtgenote van patiënt vertelt dat haar man sinds een jaar toenemend vergeetachtig is. Hij vergeet gesprekken, maar ook zijn beheersing van de Nederlandse taal is achteruitgegaan. Bij navraag blijkt hij minder initiatief te nemen en meer moeite te hebben met het gebruik van de afstandsbediening van de tv. Zijn administratie werd altijd al gedaan door de kinderen, omdat hij zijn post niet kon lezen. De huisarts schrijft in de verwijsbrief dat hij de ‘Mini-mental state examination’ (MMSE) heeft afgenomen en dat patiënt hierop afwijkend scoorde (16 van de 30 punten). Patiënt groeide op in Turkije op het platteland, waar hij gedurende 5 jaar naar…

Auteursinformatie

OLVG, Amsterdam. Afd. Geriatrie: dr. I.E. van de Vorst en drs. J.P.C.M. van Campen, klinisch geriaters. Afd. Psychiatrie en Medische Psychologie: drs. M. Goudsmit, klinisch psycholoog. Amsterdam UMC, locatie AMC-UvA, Amsterdam. Afd. Huisartsgeneeskunde: dr. E.P. Moll van Charante, huisarts (tevens: afd. Public & Occupational Health). Afd. Neurologie: em.prof.dr. B.A. Schmand, neuropsycholoog (tevens: Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen).

Contact I.E. van de Vorst (irenevandevorst@gmail.com)

Belangenverstrengeling

Belangenconflict en financiële ondersteuning: er zijn mogelijke belangen gemeld bij dit artikel. ICMJE-formulieren met de belangenverklaring van de auteurs zijn online beschikbaar bij dit artikel.

Auteur Belangenverstrengeling
Irene E. van de Vorst ICMJE-formulier
J.P.C.M. (Jos) van Campen ICMJE-formulier
Eric P. Moll van Charante ICMJE-formulier
B.A. (Ben) Schmand ICMJE-formulier
Miriam Goudsmit ICMJE-formulier
Dit artikel is gepubliceerd in het dossier
Huisartsgeneeskunde

Gerelateerde artikelen

Reacties