Artikel
Inleiding
Tot nu toe zijn er geen gepubliceerde gegevens beschikbaar betreffende de verdeling van lipide risicofactoren (totaalcholesterol, ‘high-density’-lipoproteïne(HDL)-cholesterol, ‘low-density’-lipoproteïne(LDL)-cholesterol, triglyceriden en lipoproteïne(a) (Lp(a))) voor atherosclerose op Curaçao. De mortaliteit van door atherosclerose veroorzaakte aandoeningen is echter aanzienlijk (de sterfte aan hart- en vaatziekten was 259 per 100.000 in 1990;1…
(Geen onderwerp)
Amsterdam, januari 1998,
Leerink en Gerstenbluth gaven onlangs een overzicht van de lipideconcentraties op Curaçao (1997:2488-92). Dat de gemiddelde totaalcholesterolconcentratie op Curaçao in 1993 een aantal procenten lager was dan die in Nederland rond die tijd, is in overeenstemming met de opvatting dat de cholesterolniveaus in de Afro-Caribische en Afro-Amerikaanse bevolkingsgroepen doorgaans iets lager zijn dan bij de blanke bevolking.1 2 In 1989 bepaalden wij het vóórkomen van de belangrijkste cardiovasculaire risicofactoren op het naburige Aruba, waar de cardiovasculaire sterfte evenals op Curaçao lager is dan in Nederland, bij 600 mannen en vrouwen ‐ 10% van de totale bevolking. De gemiddelde cholesterolconcentraties waren 5 tot 16% lager in alle leeftijdsgroepen vergeleken met de Nederlandse gegevens. Van de mannen rookte 32%, van de vrouwen 13%. Van de onderzochte personen had 17% hypertensie, welke verrassenderwijs in de meerderheid van de gevallen goed ingesteld was. Diabetes mellitus kwam bij 6% voor en er waren zeer veel onderzochten met een aanzienlijk overgewicht, gemiddeld 10 kg bij degenen met een Quetelet-index > 25 kg/m2.3
De oorzaak van deze verschillen in lipideconcentraties is ongetwijfeld deels aangeboren, maar zeker beïnvloedbaar door leefstijl en voeding. Als men de huidige cholesterolniveaus in Nederland vergelijkt met de nu gerapporteerde gegevens over Curaçao die in 1993 verzameld werden, zijn er ogenschijnlijk geen verschillen meer doordat de cholesterolconcentratie in Nederland juist de laatste jaren is gedaald met gemiddeld 0,4 mmol/l bij de mannen en 0,3 mmol/l bij de vrouwen. Het percentage mannen met hypercholesterolemie (totaalcholesterol > 6,5 mmol/l) in Nederland nam daarmee af van 18 tot 10, en het percentage vrouwen met deze aandoening daalde van 14 naar 8.4
Ik zou dus krachtig willen pleiten voor actualisering van deze gegevens op Curaçao, om de plaatselijke preventieprogramma's met betrekking tot hart- en vaatziekten zo effectief mogelijk te maken. Van de risicofactoren voor hart- en vaatziekten worden in het artikel alleen de lipiden genoemd onder verwijzing naar een boek, maar verwacht mag worden dat het onderzoek ‘Hoe gezond is Curaçao?’ ook gegevens oplevert over de andere risicofactoren voor hart- en vaatziekten, liefst in de vorm van langlopend cohortonderzoek.4
Lakshman MR, Reda D, Materson BJ, Cushman WC, Kochar MS, Nunn S, et al. Comparison of plasma lipid and lipoprotein profiles in hypertensive black versus white men. Department of Veterans Affairs Cooperative Study Group on Antihypertensive Agents. Am J Cardiol 1996;78:1236-41.
Zezulka AV. Racial differences in coronary disease and diene conjugated lipids. J Hum Hypertens 1988;2:297.
Heetveld M, Veerman DP, Eekert HKN van, Waldram GM, Montfrans GA van. Risk factors for cardiovascular disease in Aruba. J Cardiovasc Risk Factors 1993;3:367-78.
Smit HA, Verschuren WMM, Bueno de Mesquita HB. Het project monitoring risicofactoren en gezondheid Nederland (MORGEN-project). Jaarverslag 1993. Rapportnr 263200002. Bilthoven: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, 1994.
(Geen onderwerp)
Curaçao, januari 1998,
Wij zijn het met Van Montfrans eens dat de Curaçaose gegevens thans geactualiseerd zouden moeten worden. In principe is het besproken gezondheidsonderzoek (‘Hoe gezond is Curaçao?’) zodanig opgezet dat longitudinale follow-up mogelijk is. Inderdaad heeft het onderzoek ook gegevens opgeleverd over andere risicofactoren voor hart- en vaatziekten. Zo bedraagt de door de deelnemers zelf gerapporteerde prevalentie van hypertensie onder de niet in instellingen opgenomen volwassen bevolking 14,5% en wordt de werkelijke prevalentie geschat op 20-30%.1
Eenderde deel van de mannen en ruim de helft van de vrouwen kan men als lijdend aan overgewicht classificeren, gebruikmakend van Quetelet-indexafkapwaarden van het Amerikaanse National Center for Health Statistics. Bij vrouwen in de leeftijdsgroep van 45-64 jaar is het percentage met overgewicht zelfs ruim 62.2 Wat betreft het roken steken de cijfers relatief gunstig af bij de Nederlandse. In totaal rapporteert 17,1% te roken, versus 36,4% in Nederland (gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek, 1993). Van de mannen rookt 28,3%, van de vrouwen 6,8%.2 Tenslotte noemen wij hier de prevalentie van diabetes mellitus: 5,6% volgens de rapportage van de deelnemers zelf en circa 10% op basis van laboratoriummetingen.34
Op basis van deze en andere gegevens uit het gezondheidsonderzoek op Curaçao houdt inmiddels een aantal multidisciplinaire werkgroepen op het eiland zich bezig met het ontwikkelen van interventieprogramma's.
Gerstenbluth I, Alberts JF, Velde B te, Leerink CB. De prevalentie van chronische aandoeningen op Curaçao. In: Hoe gezond is Curaçao? Symposiumverslag resultaten Gezondheidsonderzoek Curaçao en beleidsimplicaties. Willemstad: ISOG 2000, 1995.
Alberts JF, Gerstenbluth I, Halabi YT, Koopmans PC, O'Niel J, Heuvel WJA van den. The Curaçao health study: methodology and main results. Assen: Van Gorcum, 1996.
Leerink CB, LeBlanc RAE, Gerstenbluth I. Enkele conclusies uit bloed- en urineonderzoek onder de respondenten van het Gezondheidsonderzoek Curaçao. In: Hoe gezond is Curaçao? Symposiumverslag resultaten Gezondheidsonderzoek Curaçao en beleidsimplicaties. Willemstad: ISOG 2000, 1995.
Kamphof WG. Prevalentie van diabetes mellitus op Curaçao; vergelijking van gegevens verkregen via zelfrapportage, laboratoriumuitslagen en huisartsenstatus [scriptie]. Groningen: Universiteit Groningen, 1997.