Langere ligduur en vaker heropnames bij etnische minderheidsgroepen

Langere ligduur en vaker heropnames bij etnische minderheidsgroepen
Open

Nieuws
02-05-2013
Twan van Venrooij

Nederlandse patiënten die behoren tot een niet-westerse minderheidsgroep hebben in vergelijking met autochtone Nederlanders een hoger risico op heropnames en een langer dan verwachte ligduur. Dat melden onderzoekers van het VUmc in European Journal of Public Health (2013; epub 6 februari).

Aanwijzingen voor etnische verschillen in de kwaliteit van de ziekenhuiszorg zijn vooral afkomstig uit de VS. In Europa is dit nog nauwelijks bestudeerd, zo schrijven Martine de Bruijne en collega’s. Door gebruik te maken van Nederlandse data over ziekenhuisopnames in de periode 1995-2005 onderzochten zij dit voor het eerst.

Via een koppeling van gegevens uit de Landelijke Medische Registratie, gegevens uit het bevolkingsregister en sociaal-economische gegevens van het CBS werd een cohort gevormd waarin uitkomsten bij minderheidsgroepen vergeleken konden worden met die bij autochtone Nederlanders. In totaal bestond het cohort uit 433.501 patiënten en gegevens over 1.177.304 ziekenhuisopnames. De onderzoekers keken naar het aantal heropnames binnen 30 dagen en het voorkomen van een langer dan verwachte ligduur (tenminste 3 dagen langer dan de voorspelde periode).

Het hogere risico op een heropname en een langer dan verwachte ligduur werd met name gezien bij patiënten uit etnische minderheidsgroepen die ouder dan 45 jaar waren. Hier varieerden de oddsratio’s (OR’s) van 1,05-1,14. Het risico op een ongeplande heropname was verhoogd bij Turkse en Surinaamse patiënten ouder dan 45 jaar (OR: respectievelijk 1,24 en 1,11).

Verschillen in de kwaliteit van ziekenhuiszorg zijn een mogelijke verklaring voor de gevonden variatie, maar andere oorzaken kunnen niet worden uitgesloten, stellen De Bruijne et al. Zo is het mogelijk dat aan de patiënt gerelateerde factoren als laaggeletterdheid hebben geleid tot een hogere zorgbehoefte, zodat bij een langere ligduur of een heropname feitelijk sprake is van op de patiënt toegesneden zorg. Voor meer zekerheid is prospectief onderzoek gewenst, concluderen de onderzoekers.