Neurocysticercose

Klinische praktijk
R.E. Brouwer
L.M. Kortbeek
F. van Knapen
D. Overbosch
Citeren

Zie ook het artikel op bl. 2736.

Inleiding

Cysticercose is een ziektebeeld dat wordt veroorzaakt door een infectie met eieren van Taenia solium, de gewapende lintworm. De mens komt op twee plaatsen voor in de cyclus van deze lintworm, namelijk als eindgastheer met de volwassen lintworm in de darm en als tussengastheer met de blaasworm (cysticercus cellulosae) in de weefsels. De primaire eindgastheer is de mens; de tussengastheer het varken. De naam ‘gewapende lintworm’ dankt deze parasiet aan een hakenkrans op de scolex (kop). De volwassen worm is 2-10 m lang en lijkt op een lint: hij is plat en bestaat uit caudaalwaarts steeds groter wordende segmenten. De kop hecht zich met behulp van zuignappen en een hakenkrans vast aan de mucosa van de dunne darm. Aan het uiteinde van de worm bevinden zich de rijpe segmenten (‘proglottiden’) met daarin een vertakte uterus die meer dan 40.000 eieren kan bevatten…

Auteursinformatie

Rode Kruis Ziekenhuis, afd. Interne Geneeskunde, Sportlaan 600, 2566 MJ Den Haag.

R.E.Brouwer, assistent-geneeskundige (thans: Academisch Ziekenhuis, afd. Interne Geneeskunde, Leiden); dr.D.Overbosch, internist.

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne, laboratorium voor Parasitologie en Mycologie, Bilthoven.

Mw.L.M.Kortbeek; prof.dr.F.van Knapen, dierenarts-parasitoloog.

Contact dr.D.Overbosch

Ook interessant

Reacties

Gratis Ask NTVG uitproberen?

Maak met 2 klikken een gratis account aan

Account aanmaken

Heb je al een account of een abonnement? Inloggen

Altijd toegang tot alle publicaties van het NTVG?

Abonneer vandaag nog!

Online toegang tot alle artikelen
Gepersonaliseerde alerts voor artikelen en dossiers
Artikelen voor opleiding en nascholing mét geaccrediteerde toetsen
Onbeperkt luisteren naar de NTVG-podcast
Antwoorden op al je vragen via de AI-toepassing 'Ask NTVG'

Neem het digitaal ntvg abonnement

€ 15,93 per maand!

Ik wil digitaal
NTVG nummer 2 2026
NTVG nummer 3 2026
NTVG nummer 4 2026