Artikel
Inleiding
Om de meest voorkomende chronische ziekten in de algemene bevolking te voorkomen, presenteerde de Gezondheidsraad in 2015 de nieuwste ‘Richtlijnen goede voeding’. Deze voedingsrichtlijnen zijn gebaseerd op 29 reviews over de relatie tussen enerzijds voedingsstoffen, voedingsmiddelen en voedingspatronen en anders de incidentie van de 10 belangrijkste chronische ziekten in…




Mortaliteit is altijd 100%; het gaat om levensverlenging
In het artikel van Schoufour et al tav naleven van voedingsrichtlijnen komen de auteurs tot de conclusie dat het naleven van voedingsrichtlijnen is gerelateerd aan een lagere mortaliteit. En dat daarmee betere naleving door voorlichting en interventies kan bijdragen aan mindere sterfte.
Bij de conclusie ontbreekt mijn inziens een belangrijke toevoeging: de mortaliteit is (slechts) lager in de gekozen of beschikbare observatieperiode. Immers geen enkele interventie kan tot een lagere mortaliteit leiden, omdat we allemaal dood gaan en de kans op mortaliteit in de interventiegroep en de controlegroep dus altijd 100% is, mits de observatietijd lang genoeg is. Dat lijkt misschien een triviale opmerking maar dat is het mijn inziens niet.
Als we op basis van wetenschap het publiek willen enthousiasmeren om te kiezen voor bepaalde leefstijl en/of voedingpatronen moeten we ze niet voorspiegelen dat er een lagere kans op mortaliteit is, maar informatie proberen te geven met hoeveel tijd de dood kan worden uitgesteld. Kunnen de onderzoekers op basis van de hen beschikbare gegevens ook een taxatie maken hoeveel tijd een individu kan winnen door gezonde voedingspatronen, zoals we dat ook kunnen voor roken bv? Dat type gegeven zou mij en het publiek al of niet kunnen motiveren om peulvruchten toch maar te eten als je ze niet lekker vindt.
Meer in zijn algemeenheid: epidemiologen zouden niet moeten kiezen voor lagere mortaliteitskansen als weergave van hun data – want dat is een onjuiste conclusie - maar informatie geven over de mogelijk verlenging van het leven bij bepaald gedrag zolang doodgaan (gelukkig) nog onvermijdelijk is.
Gerard Bos, internist, MUMC+ Maastricht