Medicijngebruik met paplepel ingegoten

Medicijngebruik met paplepel ingegoten
Christel van Dongen
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2012;156:C1302

Ouders van kinderen die regelmatig antibiotica krijgen, gebruiken zelf ook meer medicijnen. Josta de Jong (Universiteit Groningen) en collega’s komen tot deze conclusie in Archives of Disease in Childhood. (2012; epub 29 maart).

De auteurs veronderstellen dat ouderlijke bezorgdheid en opvattingen omtrent gezondheid een belangrijke rol spelen bij antibioticagebruik van kinderen. Om dit na te gaan selecteerden zij uit een Nederlandse database van apotheken 6731 kinderen tot 5 jaar die nooit antibiotica ontvingen en 1479 kinderen die tijdens de follow-up minstens 1 maal per jaar antibiotica kregen. De onderzoekers gingen er van uit dat personen die 15-50 jaar ouder waren dan het geselecteerde kind en op hetzelfde adres woonden, de ouders waren.

19,1% van de moeders van kinderen die regelmatig antibiotica op recept kregen, gebruikten deze medicijnen zelf ook geregeld. Dit in tegenstelling tot 5,5% van de moeders van kinderen die nooit antibiotica gebruikten. Onder de vaders was dit respectievelijk 9,1 en 3,3%. De auteurs melden dat kinderen die antibiotica kregen ook meer astmamedicatie op voorschrift hadden, en dat astma vaak erfelijk is. Dit was niet van invloed op de eindconclusie, omdat het verband tussen ouderlijk medicijngebruik ook aantoonbaar was bij andere middelen. Zo gebruikten moeders vaker NSAID’s, pijnstillers, antihistaminica, sedativa en medicijnen voor obstructieve luchtwegaandoeningen. Vaders daarentegen namen meer maagzuurremmers, NSAID’s en cardiovasculaire medicatie.

Uit eerdere Scandinavische studies blijkt dat een lagere sociaaleconomische status gecorreleerd is met meer antibioticavoorschriften. Bovendien hebben ouders en kinderen vaak dezelfde dokter. Inzicht in verschillende factoren die antibioticagebruik bij kinderen bepalen is van belang om het gebruik van antibiotica terug te dringen en bacterieresistentie te beperken.

(Bijdrage: Christel van Dongen.)

Gerelateerde artikelen

Reacties

Jan
Plas

Als ik het goed gelezen heb, blijkt  dat 5,5% van de moeders van kinderen, die nooit antibiotica ( vanaf nu = AB)  gebruikten , wel AB gebruikten en 19,1% van de moeders van kinderen, die regelmatig AB op recept kregen, deze medicijnen zelf ook geregeld gebruikten . Moeten we daaruit niet besluiten dat de kinderen,die nooit AB gebruikten, ouders hebben die minder weerstandig zijn? Of dat deze ouders meer zorg besteden aan voeding en het voorkomen van een infectie bij hun kinderen dan bij zichzelf? Het is duidelijk dat erfelijkheid (o.a. astma) maar ook sociaal-economische status ( voedingspatroon, roker, huisvesting, intelligentieniveau van de ouders ...) een rol spelen bij het krijgen van een infectie. Aan de andere kant begrijpen ouders met een hogere opleiding,  dat de dokter niet altijd een AB voorschrijft, zowel voor kinderen als voor henzelf, terwijl mensen met een lagere opleiding (minder kans op spontane genezing zonder AB o.w.v. ongunstige werkomstandigheden) dat niet accepteren. Bovendien is de perceptie van zowel de ziekte als de sociaal-economische toestand van de patiënt door de voorschrijver, ook een factor, die meespeelt in het voorschrijfgedrag (al of niet AB voorschrijven?) van de dokter.  

Jan Plas, apotheker, Belgie