Hoge perinatale sterfte in Nederland in vergelijking tot de rest van Europa
Open

Stand van zaken
22-09-2004
S.E. Buitendijk en J.G. Nijhuis

- In het Peristat-project, een Europese samenwerkingsstudie, is een set van indicatoren vastgesteld om de uitkomsten van perinatale gezondheid te bewaken.

- Voor een groep van 10 kernindicatoren met variabelen voor subgroepanalyse werden uit de nationale registraties van 15 lidstaten gegevens verzameld voor onderlinge vergelijking.

- Nederland bleek daarin de hoogste perinatale sterfte te hebben: de foetale sterfte bedroeg 7,4 en de neonatale 3,5 per 1000 geboorten.

- Europese landen verschillen in de wijze van registreren. Zo registreren sommige landen perinataal overlijden niet wanneer dit plaatsvindt vóór een amenorroeduur van 28 weken. Daarom dienen de Peristat-data te worden vergeleken met 28 weken zwangerschapsduur als afkapwaarde.

- Bij die afkapwaarde heeft Nederland de op één na hoogste perinatale sterfte.

- Een aantal factoren kan aan deze relatief hoge sterfte hebben bijgedragen, zoals verschillen in registratiegebruiken en in populatiekenmerken van Nederlandse zwangeren en kenmerken van de Nederlandse perinatale zorg.

- Nederland heeft een relatief hoog percentage oude moeders, meerlingzwangerschappen en moeders uit etnische minderheden.

- Nederlandse neonatologen zijn terughoudend wat betreft de medische interventies bij premature pasgeborenen, hetgeen hun overlevingskansen vermindert.

- In Nederland vindt minder screening op congenitale afwijkingen plaats dan in andere landen.

- Op verdere analyse van de Nederlandse data en voortzetting van de bewaking op Europees niveau kunnen in de toekomst beleidsbeslissingen worden gebaseerd om de gezondheid van Nederlandse moeders en kinderen te bevorderen.