Hersendood, een voortdurende discussie?

Opinie
L.H.D.J. Booij
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 1987;131:232-3

De criteria voor het vaststellen van hersendood vormen met de regelmaat van de klok een punt van discussie. De aanleiding daartoe is de steeds weerkerende twijfel aan één of meer van deze criteria omdat ‘onverwacht’ een patiënt uit het coma herstelt. In 1983 constateerde Dunning: ‘Die hersendood is minder zichtbaar en aanvaardbaar dan de hart- of ademstilstand voor wie aan het ziekbed zit en die dood moet verklaard en bevestigd worden op grond van abstracte kenmerken en kennis van het klinische beloop. Zo ontstaat er een kloof tussen wat de arts dood verklaart en de omstanders als dood ervaren of aanvaarden, te meer wanneer de gift van organen gevraagd wordt.’1 Deze discrepantie vergt de formulering van maatschappelijk aanvaardbare normen gebaseerd op wetenschappelijk vastgestelde feiten, waarbij het belang van de patiënt en het belang van de maatschappij de randvoorwaarden vormen.

Het belang van de individuele patiënt ligt enerzijds in het…

Auteursinformatie

Academisch Ziekenhuis Vrije Universiteit, afd. Anesthesiologie, Postbus 7057, 1007 MB Amsterdam.

Prof.dr.L.H.D.J.Booij, anesthesioloog.

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties