Herhalingsrisico van complicaties in de zwangerschap na een eerdere zwangerschap gecompliceerd door ernstige vroege pre-eclampsie

Onderzoek
A.C. Bolte
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2007;151:835
Download PDF

Ernstige pre-eclampsie is een, in sommige gevallen levensbedreigende, complicatie van de zwangerschap. Met name vroege pre-eclampsie, waarbij de diagnose vóór een amenorroeduur van 32 weken wordt gesteld, houdt verband met ongunstige maternale en foetale uitkomsten. Pre-eclampsie komt vaker voor bij nulliparae. De oorzaak van pre-eclampsie is onbekend en de definitieve behandeling bestaat uit bevalling. Van Rijn et al. onderzochten de herhalingskans op het optreden van pre-eclampsie en/of vroeggeboorte in de volgende zwangerschap na een eerdere zwangerschap die werd gecompliceerd door vroege pre-eclampsie met een bevalling vóór 34 weken amenorroeduur.1

Follow-upgegevens van 120 vrouwen waren beschikbaar. Alle vrouwen kregen in de volgende zwangerschap profylactisch 80 mg acetylsalicylzuur voorgeschreven. Er kregen 30 (25) vrouwen opnieuw pre-eclampsie, van wie 6 vóór de 34 weken (5). De gemiddelde amenorroeduur bij de bevalling was 38 weken met een geboortegewicht van 2961 g in vergelijking met een amenorroeduur van 29,4 weken en een geboortegewicht van 1001 g in de indexzwangerschap. De perinatale sterfte in de indexzwangerschap was 34 en 1,7 in de volgende zwangerschap. Het risico op herhaalde pre-eclampsie was verhoogd bij vrouwen met chronische hypertensie (hazardratio: 2,1; 95-BI: 1,0-4,4). Er kon geen relatie worden aangetoond tussen herhaalde pre-eclampsie en de ernst van de pre-eclampsie in de indexzwangerschap. Evenmin werd een relatie met de aanwezigheid van verkregen of hereditaire trombofilie gevonden. Behalve in het geval van laaggedoseerd acetylsalicylzuur zijn de effecten van secundaire preventieve interventies voor pre-eclampsie teleurstellend en mogelijk zelfs nadelig gebleken. De auteurs stippen terecht aan dat secundaire profylaxe verder weg lijkt dan ooit. Het is bekend dat vrouwen met een doorgemaakte ernstige vroege pre-eclampsie frequent psychologische hulp zoeken en dat circa een derde afziet van een nieuwe zwangerschap.

De door Van Rijn et al. gevonden uitkomsten zijn dus van belang voor de voorlichting en besluitvorming van vrouwen met een doorgemaakte vroege pre-eclampsie en een hernieuwde kinderwens. Gezien de over het algemeen goede uitkomst van de volgende zwangerschap zullen de effectiviteit en veiligheid van andere preventieve behandelingen door wetenschappelijk onderzoek moeten worden bewezen.

Literatuur
  1. Rijn BB van, Hoeks LB, Bots ML, Franx A, Bruinse HW. Outcomes of subsequent pregnancy after first pregnancy with early-onset preeclampsia. Am J Obstet Gynecol. 2006;195:723-8.

Gerelateerde artikelen

Reacties