Gebruik van androgene anabole steroïden voor en tijdens de Olympische Spelen: verminderd, maar niet verdwenen

Klinische praktijk
W. de Ronde
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2008;152:1820-4
Abstract
Download PDF

Samenvatting

Androgene anabole steroïden zijn verbindingen die qua structuur en effect grote gelijkenis vertonen met het mannelijk hormoon testosteron. Sinds deze middelen beschikbaar zijn gekomen, worden ze misbruikt om sportprestaties te bevorderen. De controle op het misbruik van deze middelen is lange tijd onvoldoende geweest. Mede daardoor werd in het voormalige Oost-Duitsland op grote schaal en van overheidswege doping verstrekt aan topsporters. Hieraan kwam een einde door de ineenstorting van het voormalige Oostblok en de introductie van onaangekondigde dopingcontroles. Het afnemen van topprestaties op verschillende atletiekonderdelen van vrouwen sinds het instellen van de controle weerspiegelt het effect van doping en de intensievere controle daarop.

Ned Tijdschr Geneeskd. 2008;152:1820-4

De zomer van 2008 zal, afgezien van de Tour de France, het tennistoernooi van Wimbledon en het Europees kampioenschap voetbal, op het gebied van sport toch vooral in het teken staan van de Olympische Spelen in Beijing. Waarschijnlijk zal hierbij, naast de discussie over de mensenrechtensituatie in China, ook de discussie over doping en de controle daarop weer opleven. De moderne Olympische Spelen hebben immers een rijke traditie van dopingschandalen. Wie herinnert zich niet de afgang van sprinter Ben Johnson tijdens de Olympische Spelen van 1988 in Seoel nadat hij betrapt was op gebruik van stanozolol?

De Olympische Spelen van Athene in 2004 werden ontsierd door een incident waarbij de Griekse atleten Ekaterini Thanou en Konstantinos Kenteris door een gefingeerd motorongeval uit handen van de dopingcontroleurs dachten te kunnen blijven. De recente deconfiture van sprintster Marion Jones heeft ertoe geleid dat haar olympische medailles, behaald in Sydney in 2000, haar werden afgenomen nadat zij het gebruik van doping had toegegeven. Het gevolg daarvan was dat haar olympische titel op de 100 m sprint vervolgens werd toegekend aan diezelfde Ekaterini Thanou, die 4 jaar later in Athene van haar voetstuk viel.

Een serieuze verhandeling over anabole steroïden en sport wordt sterk beperkt door het feit dat dopingpraktijken zich in het diepste geheim afspelen, in een beperkte kring van sporters, coaches en (para)medische randfiguren. Gunstige of ongunstige resultaten van toediening van deze middelen worden niet of slechts in codetaal gedocumenteerd en in de meeste gevallen betreft het onderzoek dat de ethische en wetenschappelijke toets der kritiek niet doorstaat. Enig inzicht in de effecten van anabole steroïden op sportprestaties kan worden ontleend aan de onthutsende dopingpraktijken in de voormalige Duitse Democratische Republiek (DDR). Alhoewel ook hier alles zich voltrok onder de grootst mogelijke geheimhouding, zijn er na de val van de Berlijnse Muur toch een paar onthullende documenten geopenbaard.

androgene anabole steroïden

Androgene anabole steroïden (AAS) zijn verbindingen die qua structuur en biologisch effect grote gelijkenis vertonen met het mannelijk hormoon testosteron (figuur 1). De aanwezigheid van testosteron verklaart in belangrijke mate het verschil in spiervolume en kracht tussen mannen en vrouwen. Dit wordt het anabole of opbouwende effect van deze hormoonachtige stoffen genoemd. Testosteron zorgt ook voor de kenmerkende mannelijke lichaamseigenschappen als de zware stem, de toegenomen lichaamsbeharing en de mannelijke kaalheid. Dit worden de androgene of viriliserende effecten genoemd. Deze viriliserende effecten worden versterkt door tussenkomst van het enzym 5-?-reductase, dat onder andere aanwezig is in de huid en het genitale weefsel. Dit enzym zet testosteron ter plaatse om in het nog krachtiger dihydrotestosteron. In vet- en spierweefsel wordt testosteron in geringe mate omgezet in het vrouwelijk hormoon oestradiol.1 Om die reden kan toediening van hoge doses testosteron aan mannen gepaard gaan met borstvorming. Testosteron wordt na orale toediening snel en praktisch volledig door de lever geïnactiveerd.

Veel anabole steroïden, zoals stanozolol en turinabol, zijn geschikt gemaakt voor orale toediening door toevoeging van een zogenaamde methylgroep aan het testosteronmolecuul. Het grote nadeel hiervan is dat deze verbindingen schadelijk kunnen zijn voor de lever; om die reden worden deze stoffen niet of nauwelijks in de medische praktijk toegepast.2 Door het verbinden van een vetzuur op dezelfde plaats aan het molecuul wordt testosteron geschikt gemaakt voor depotinjectie in een spier. Bekende voorbeelden hiervan zijn Sustanon en Deca-Durabolin.

Door veranderingen aan te brengen in de zogenaamde A-ring kan men de androgene en anabole effecten van het molecuul aanpassen. Zo kan men voorkómen dat het steroïd tot een oestrogeenachtige stof wordt omgezet. De androgene effecten kan men echter ook afzwakken door het steroïd ongeschikt te maken voor metabolisering door het enzym 5-?-reductase. Voorbeelden hiervan zijn opnieuw turinabol en stanozolol.1 3

de voormalige ddr: sport en prestige

De DDR werd in 1949 uitgeroepen in de nasleep van de Tweede Wereldoorlog. Om het relatief kleine Oost-Duitsland bij zowel de buitenwereld als de eigen bevolking enig prestige te verschaffen werd vanaf 1966 een ambitieus sportprogramma opgetuigd. Binnen de totalitaire staatsstructuur bereikte de verstrekking van anabole steroïden in dit programma een omvang die waarschijnlijk zijn weerga in de wereld niet kent. In een periode van zeker 20 jaar werden met behulp van 7 overheidsdepartementen, de geheime dienst, artsen, wetenschappers, coaches, fysiotherapeuten, de farmaceutische industrie en de media duizenden sporters behandeld.4

Dit programma stond onder leiding van Manfred Ewald, een man die zijn carrière begon in de Hitlerjugend, maar tijdens de Russische overheersing lid werd van de Communistische partij en daar snel opklom in de hiërarchie. Van 1961 tot 1988 was hij minister van Sport en van 1973 tot 1990 voorzitter van het Oost-Duits Olympisch Comité. In 1985 werd hij voor bewezen diensten door het toenmalige hoofd van het Internationaal Olympisch Comité Juan Antonio Samaranch opgenomen in de prestigieuze Olympische Orde. Na de val van de Berlijnse Muur werden de aard en de omvang van dit dopingprogramma duidelijk en spanden gedupeerde sporters verschillende processen aan. Ewald werd vlak voor zijn dood in 2002 voorwaardelijk veroordeeld voor het opzettelijk aanbrengen van lichamelijk letsel.

de ddr en doping: systematisch misbruik en het omzeilen van controles

Turinabol is het anabole steroïd dat in grote hoeveelheden door Jenapharm werd geleverd voor gebruik door Oost-Duitse sporters. Naar verluidt werd het ingezet bij alle olympische sporten, behalve gymnastiek en zeilen, en werd het nadrukkelijk ook verstrekt aan junioren en vrouwelijke atleten. Verslagen van Oost-Duitse wetenschappers geven aan dat 3 maanden gebruik van turinabol door vrouwelijke kogelstoters een toename van de werpafstand gaf van 2 tot 3 meter;4 in de topsport een astronomische winst.

Het gebruik van prestatiebevorderende middelen door sporters was uiteraard verboden. In 1967, vlak voor de Olympische Spelen in Mexico, verscheen de eerste officiële lijst met verboden middelen.5 Handhaving van dit verbod werd echter bemoeilijkt door het ontbreken van betrouwbare tests om het gebruik van deze middelen door sporters op te sporen. Tijdens de spelen van München in 1972 werden de eerste resultaten van het Oost-Duitse sportprogramma zichtbaar; het relatief kleine Oost-Duitsland bereikte de derde positie in het olympische medailleklassement. Twee jaar later werden de eerste betrouwbare tests geïntroduceerd voor het opsporen van AAS in urine.6

Echter, alleen het gebruik van lichaamsvreemde anabole hormonen kon met zekerheid worden vastgesteld. Het lichaamseigen testosteron kon uiteraard ook worden aangetoond, maar er kon niet met zekerheid worden vastgesteld dat dit was toegediend. Een belangrijke beperking was bovendien dat deze tests alleen werden toegepast tijdens belangrijke sportevenementen (‘in-competition’-controles). In 1974 werd in een geheim document door de Oost-Duitse overheid nog eens benadrukt dat het gebruik van AAS een integraal onderdeel van de training behoorde te zijn. Bovendien drong zij erop aan toedieningsschema’s en methoden te ontwikkelen om dopingcontroles te omzeilen.

Een veelgebruikte en effectieve methode hiervoor was het ‘steroid bridging’. Hierbij staakte de atleet enkele weken voor de wedstrijd het gebruik van turinabol om over te gaan op intramusculaire toediening van testosteronesters. Kort voor vertrek ondergingen alle sporters een ‘Ausreisekontrolle’. Pas na een negatieve uitslag hiervan konden zij afreizen.4 Mede hierdoor bleven de Oost-Duitse sporters buitengewoon succesvol en behaalden zij tweede plaatsen in de medailleklassementen van de spelen van Montreal (1976) en Moskou (1980).

In 1982 kon men ook het misbruik van testosteron aannemelijk maken door de bepaling van de testosteron-epitestosteron(T-E)-ratio.7 Epitestosteron is een lichaamseigen stof die grote gelijkenis vertoont met testosteron en die in het lichaam in gelijke mate als testosteron wordt aangemaakt. Een normaal persoon heeft een T-E-ratio van 1. Toediening van testosteron doet de T-E-ratio toenemen. De Oost-Duitsers experimenteerden vervolgens met het toedienen van epitestosteron in combinatie met testosteron in een poging de T-E-ratio niet te verstoren. Het feit dat Jenapharm op grote schaal epitestosteron produceerde, een middel zonder enige therapeutische waarde dat louter wordt ingezet voor het maskeren van doping, wordt als bewijs gezien voor de grootschalige en wijdverbreide omvang van het dopingsysteem in de voormalige DDR.

Bij de Olympische Spelen van 1984 (Los Angeles) lieten veel Oostbloklanden, waaronder Oost-Duitsland, verstek gaan als reactie op de boycot door de VS van de spelen in Moskou 4 jaar eerder. In 1988 (Seoel), de spelen waar Ben Johnson werd betrapt op stanozolol, bezetten de Oost-Duitse sporters opnieuw de tweede plaats in het medailleklassement. Niet lang daarna werden de zogenaamde ‘out-of-competition’-controles ingevoerd, waardoor ook tijdens trainingen kon worden gecontroleerd op het gebruik van verboden middelen. De invoering hiervan viel vrijwel samen met de ineenstorting van de DDR en de samenvoeging met West-Duitsland.

de invloed van intensieve dopingcontroles op sportprestaties

Het is moeilijk te beoordelen wat de invloed is geweest van het gebruik van anabole steroïden of andere verboden middelen op individuele sportprestaties. De Oost-Duitse gegevens geven aan dat het effect van anabole steroïden bij vrouwelijke krachtsporters aanzienlijk is. Een vergelijking tussen de prestaties van atleten die wel en geen doping hebben gebruikt, wordt gehinderd door het feit dat betrapte atleten vaak blijven ontkennen en dat ook over ‘schone’ atleten nooit volledige zekerheid bestaat.

De introductie van out-of-competitioncontroles heeft de pakkans van frauderende atleten behoorlijk vergroot en daardoor is het grootschalig misbruik van anabole steroïden waarschijnlijk afgenomen. Om die reden is het verleidelijk de beste seizoensprestaties bij verschillende takken van sport voor en na introductie van deze controles te vergelijken. Niet alle takken van sport lenen zich daarvoor even goed; in veel disciplines heeft zich in de loop der jaren een grote technologische vooruitgang afgespeeld. Ook is het veronderstelde effect van anabole steroïden groter op de onderdelen die een explosieve prestatie vergen, zoals sprint- en werponderdelen, en groter voor vrouwen dan voor mannen.

Figuur 2a-c geeft de beste seizoensprestaties voor vrouwen op de onderdelen kogelstoten, discuswerpen en speerwerpen. Zonder veel moeite is te zien dat de prestaties na 1988 zijn afgenomen en nu weer terug zijn op het niveau van eind jaren zestig. Ook het indrukwekkende aantal wereldrecords voor dames dat sinds 1988 niet meer is verbeterd, geeft te denken (tabel). Dit is uiteraard geen bewijs voor het gebruik of het effect van stimulerende middelen, maar een aannemelijker verklaring voor deze pregnante afbuiging van de prestatiecurve sinds 1988 is moeilijk te vinden.

Het doek blijkt voor anabole steroïden na 1988 evenwel niet te zijn gevallen. In 1992 verraste het Chinese dameszwemteam met 4 gouden medailles op de Olympische Spelen van Barcelona en de verbazing steeg toen zij in 1994 12 van de 16 titels op het wereldkampioenschap veroverden. Datzelfde jaar werden niet minder dan 11 Chinese atleten betrapt op het gebruik van dihydrotestosteron, een potent anabool steroïd.

De zogenaamde BALCO-affaire, in de nasleep waarvan aan het licht kwam dat de Amerikaanse sprintster Marion Jones het middel tetrahydrogestrinon (THG) had misbruikt, markeerde een nieuw hoofdstuk in de historie van anabole steroïden en sport.8 Daar waar voorheen bestaande anabole steroïden, ontwikkeld voor medische of veterinaire doeleinden, werden misbruikt voor het verbeteren van sportprestaties, was THG speciaal voor sporters ontwikkeld door de Bay Area Laboratory Co-Operative (BALCO), een bedrijf dat handelde in voedingssupplementen. Om die reden was bijna niemand van het bestaan van dit middel op de hoogte en waren er geen tests om het op te sporen. Pas toen het Amerikaanse dopingagentschap een anonieme tip kreeg over het bestaan van THG werden er tests ontwikkeld en werden atleten op het gebruik ervan betrapt.9 10

dopingcontrole anno 2008

Topsporters dienen beschikbaar te zijn voor de dopingcontroles en moeten om die reden lang vooruit hun verblijfplaats doorgeven aan de dopingautoriteit. Het herhaaldelijk missen van een dopingtest of een valse opgave van de verblijfplaats staat gelijk aan een positieve uitslag en leidt tot schorsing. Om die reden was de aanwezigheid van de wielrenner Michael Rasmussen in de Tour de France van 2007 omstreden, alhoewel hij niet op doping was betrapt.

In 2006 voerde de World Anti-Doping Agency (WADA) een kleine 200.000 dopingtests uit waarvan bijna 3000 buiten de wedstrijden om (www.wada-ama.org, achtereenvolgens klikken op ‘programs’, ‘doping control’, ‘program statistics’, ‘2006 testing statistics’). In een kleine 2 van deze tests werd een ‘adverse analytical finding’ gerapporteerd. Het kan hierbij gaan om gelegitimeerd gebruik van medicatie, bovendien kunnen meerdere afwijkende monsters afkomstig zijn van dezelfde atleet. Het percentage frauderende sporters zal dus lager liggen dan het percentage afwijkende laboratoriumuitslagen.

In bijna 2000 monsters werden sporen van anabole steroïden gevonden of was er een afwijkende T-E-ratio. De kans op grootschalig gebruik van anabole steroïden door deelnemers aan de Olympische Spelen in Beijing is klein; de pakkans is voldoende groot en de sancties zijn afschrikwekkend. Toch staat vast dat ook deze zomer enkele sporters de verleiding opnieuw niet zullen kunnen weerstaan. De kans op een wereldrecord tijdens de Olympische Spelen van Beijing bij de sprint- en werponderdelen van de dames is evenwel gering.

Belangenconflict: geen gemeld. Financiële ondersteuning: geen gemeld.

Literatuur
  1. Schänzer W. Metabolism of anabolic androgenic steroids. Clin Chem. 1996;42:1001-20.

  2. Wu FC. Endocrine aspects of anabolic steroids. Clin Chem. 1997;43:1289-92.

  3. Wilson JD. Androgen abuse by athletes. Endocr Rev. 1988;9:181-99.

  4. Franke WW, Berendonk B. Hormonal doping and androgenization of athletes: a secret program of the German Democratic Republic government. Clin Chem. 1997;43:1262-79.

  5. Cowan DA, Kicman AT. Doping in sport: misuse, analytical tests, and legal aspects. Clin Chem. 1997;43:1110-3.

  6. Brooks RV, Firth RG, Sumner NA. Detection of anabolic steroids by radioimmunoassay. Br J Sports Med. 1975;9:89-92.

  7. Catlin DH, Hatton CK, Starcevic SH. Issues in detecting abuse of xenobiotic anabolic steroids and testosterone by analysis of athletes’ urine. Clin Chem. 1997;43:1280-8.

  8. Death AK, McGrath KC, Kazlauskas R, Handelsman DJ. Tetrahydrogestrinone is a potent androgen and progestin. J Clin Endocrinol Metab. 2004;89:2498-500.

  9. Knight J. Drugs bust reveals athletes’ secret steroid. Nature. 2003;425:752.

  10. Catlin DH, Sekera MH, Ahrens BD, Starcevic B, Chang YC, Hatton CK. Tetrahydrogestrinone: discovery, synthesis, and detection in urine. Rapid Commun Mass Spectrom. 2004;18:1245-9.

Auteursinformatie

VU Medisch Centrum, afd. Endocrinologie, De Boelelaan 1117, 1081 HV Amsterdam.

Contact Hr.dr.W.de Ronde, internist-endocrinoloog (p.deronde@vumc.nl)

Gerelateerde artikelen

Reacties