Artikel
Een van de weinige constanten in de Nederlandse euthanasiepraktijk is de continue toevloed van nieuwe kandidaten. We gingen van terminaal ziek, naar chronisch ziek, naar psychiatrische beelden, toen naar beginnende dementie, toen stapeling van ouderdomsklachten en ten slotte naar gevorderde dementie. Bij deze laatste categorie patiënten is het niet zozeer…




Euthanasie bij vergevorderde dementie
Reactie commentaar Bert Keizer
Een persoon met diepe dementie de dood insturen op basis van een wilsverklaring vindt Bert Keizer een nauwelijks te verteren uitkomst van de euthanasiewet zoals die nu geïnterpreteerd wordt. Dat is klare taal en een duidelijk moreel commentaar op de huidige status die de wilsverklaring heeft in het KNMG-standpunt. Ons onderzoek geeft aan dat een grote groep huisartsen dit ook problematisch vindt. Ons pleidooi voor moreel beraad binnen de eerste lijn verdient nader onderzoek. Het inschatten van het lijden wordt door een grote meerderheid van de huisartsen moeilijk gevonden. Keizers aanbeveling dat 'doodongelukkig' het enige criterium is dat telt bij een euthanasievraag door een persoon met dementie is te kort door de bocht. Een recent gepubliceerde analyse van 111 casestudies bij dementie in Nederland (tussen 2012 en 2020) laat ook zien dat er in de praktijk veel meer ethische vragen naar boven komen: de onderzoekers komen tot 7 vragen. (Groenewoud S et al J Am Geriatr Soc. 2022 Feb 20. doi: 10.1111/jgs.17707). Tot slot het is inderdaad een verrassende uitkomst, zoals Keizer ook vindt, dat 45% (+22% misschien) het eufemisme premedicatie goedkeurt. Nader onderzoek op dit punt is nodig.