Bevolkingsonderzoek naar borstkanker: resterende vragen

Opinie
A.L.M. Verbeek
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 1987;131:1602-4

Achter de schermen wordt hard gewerkt aan de voorbereidingen voor de start van een landelijk bevolkingsonderzoek naar borstkanker. Deze start is nog slechts afhankelijk van politieke besluitvorming in het najaar van 1987.1 Ook internationaal, met name in Zweden, het Verenigd Koninkrijk, delen van de Verenigde Staten, Finland, IJsland en Zwitserland, zijn soortgelijke activiteiten gaande.2-4 Aanleiding vormen de gunstige resultaten van verschillende proefbevolkingsonderzoeken.5-8 Deze resultaten zijn vermeld in het ‘Advies inzake vroege diagnostiek mammacarcinoom’ van de Gezondheidsraad, dat zojuist is verschenen,9 en in het al eerder uitgegeven ‘Tweede interimadvies’ van de Gezondheidsraad.6 Na een gemiddelde observatieduur van 6-7 jaar bleek door bevolkingsonderzoek met behulp van moderne mammografie de borstkankersterfte in de gescreende groep ongeveer 50 lager te zijn dan die in de vergelijkbare controlegroepen.

Verschillende instanties beraden zich over een landelijk bevolkingsonderzoek in Nederland: de Begeleidingscommissie borstkankerscreening van het ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, het…

Auteursinformatie

Katholieke Universiteit, Instituut Sociale Geneeskunde, sector Epidemiologie, Verlengde Groenestraat 75, 6525 EJ Nijmegen.

Dr.A.L.M.Verbeek, medisch epidemioloog.

Heb je nog vragen na het lezen van dit artikel?
Check onze AI-tool en verbaas je over de antwoorden.
ASK NTVG

Ook interessant

Reacties