Oplossing voor menopauzale klachten na borstkanker

Onderzoek
Marlies E. Peters
Winette T.A. van der Graaf
Citeer dit artikel als
Ned Tijdschr Geneeskd. 2013;157:A5748
Download PDF

artikel

Waarom dit onderzoek?

Vrouwen met borstkanker kunnen door chemotherapie of hormoontherapie in de menopauze komen. Ze ervaren vaak meer menopauzale klachten dan hun gezonde leeftijdsgenoten.

Onderzoeksvraag

Kunnen cognitieve gedragstherapie, fysieke training of een combinatie van beide de menopauzale symptomen verminderen en het lichaamsbeeld, het seksueel functioneren, het psychologisch welbevinden en de gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven verbeteren bij borstkankerpatiënten met door de behandeling geïnduceerde menopauze?

Hoe werd dit onderzocht?

In een gerandomiseerde gecontroleerde multicentrische Nederlandse studie includeerden de onderzoekers 422 vrouwen die menopauzale symptomen hadden na adjuvante therapie voor mammacarcinoom (T1-4, N0-1, M0), en die jonger dan 50 jaar en premenopauzaal waren bij het stellen van de diagnose. Door middel van blokrandomisatie werden de vrouwen toegewezen aan cognitieve gedragstherapie, fysieke training, een combinatie van beide of de wachtlijst-controlegroep.1

Belangrijkste resultaten

Patiënten in alle 3 de interventiegroepen hadden een significante vermindering van endocriene symptomen en incontinentieklachten en een significante verbetering van het fysiek functioneren vergeleken met de controlegroep. De groepen die cognitieve gedragstherapie kregen, hadden significant minder last van opvliegers en nachtzweten en waren seksueel actiever. Deze positieve resultaten – op basis van een ‘intention to treat’-analyse – zijn opmerkelijk, omdat bij alle interventiegroepen nog niet de helft van de patiënten voldeed aan de criteria voor therapietrouw.

Consequenties voor de praktijk

Patiënten met borstkanker kampen met menopauzale problemen die door de oncologische behandeling zijn geïnduceerd. Cognitieve gedragstherapie en fysieke training kunnen deze symptomen verlichten of de beleving ervan hanteerbaarder maken. Als de planning van sessies cognitieve gedragstherapie flexibeler kan zijn en fysieke trainingsdoelen vaker bereikt kunnen worden dan in deze studie het geval was, is het aannemelijk dat de kans op gunstige resultaten van beide interventies nog verder toeneemt.

Literatuur
  1. Duijts SF, van Beurden M, Oldenburg HS, Hunter MS, Kieffer JM, Stuiver MM, et al. Efficacy of cognitive behavioral therapy and physical exercise in alleviating treatment-induced menopausal symptoms in patients with breast cancer: results of a randomized, controlled, multicenter trial. J Clin Oncol. 2012;30:4124-33. Medline

Auteursinformatie

Contact w. (vandergraaf@onco.umcn.nl)

Gerelateerde artikelen

Reacties